alert = afa

Home
Inhoud 2-2010
Zoeken

Lonsdale News

Alert!
Postbus 2884
3500 GW Utrecht
alertafa@xs4all.nl
PGP-key

Juridisch Hoekje

printversie

Juridisch hoekje: wat kun je verwachten van de staat op straat?

Marianne Vermeer

Wellicht kom je wel eens naar een actie van LaatZeNietLopen.nl of van Anti-Fascistische Actie. In een poging om de openbare orde te handhaven is de agent daarbij vaak in grote getale aanwezig. Om je een inzicht te geven wat je in sommige gevallen kunt verwachten van de politie: het juridische hoekje. Met deze keer de lokale overheid: het verbieden van demonstraties door burgemeesters versus het recht op demonstratie. Hoe krijgt de Nederlandse Volks-Unie (NVU) het al bijna 10 jaar voor elkaar dat ze, en andere extreemrechtse groepen, overal mogen lopen? Welke afwegingen maakt een rechter in deze zaken en kunnen we daar nog iets van leren?

Demonstratieverbod
Het recht op demonstratie is verankerd in artikel 9 van de Grondwet. Volgens dat artikel mogen aan het recht op demonstratie wel grenzen gesteld worden. De manier waarop is verder uitgewerkt in de Wet op de Openbare Manifestatie (WOM). Het recht op demonstratie mag alleen beperkt worden in het kader van gevaar voor de volksgezondheid, het verkeer of ter voorkoming van wanordelijkheden. Omdat er sprake is van een grondwettelijk recht kunnen alleen zwaarwegende omstandigheden een verbod op een demonstratie rechtvaardigen.

Als de NVU een aanvraag doet voor een demonstratie, volgt soms een verbod door de burgemeester. Verbood de burgemeester van Aalten bijvoorbeeld middels een noodverordening een feestje van Blood & Honour nog om principiële redenen (hij wilde "wegens het verzetsverleden van Aalten een duidelijk signaal afgeven”), als een verbod wordt aangevochten bij de bestuursrechter moet de gemeente aantonen dat er sprake is van 'bestuurlijke overmacht'. Zoals het niet genoeg op de been kunnen krijgen van politie. Tot een paar jaar geleden was alleen de dreiging van een linkse tegendemonstratie al genoeg risico voor wanordelijkheden om een NVU demonstratie te verbieden. In 2001 vocht de NVU voor 't eerst dit besluit aan. En won.

Industrieterrein
In 2001 wilde de NVU in Kerkrade demonstreren. De Burgemeester verbood de demonstratie omdat er, volgens hem, niet voldoende politie op de been gebracht kon worden om de demonstratie en de aangekondigde tegendemonstratie goed te laten verlopen. De rechter sprak uit dat het aankondigen van acties door antifascisten niet een reden moest kunnen zijn om de demonstratie te verbieden,”ervan uitgaande dat die betoging zelf met inachtneming van de voorschriften zal verlopen.” Wel vond de rechter dat er voorwaarden aan gesteld mochten worden. Zo kon het tijdstip ('s ochtends vroeg en geheim gehouden) of de locatie (een parkeerplaats naast het station) door de gemeente worden vastgelegd. Hierna heeft de NVU een aantal jaar op druilerige industrieterreinen gewandeld, met als enige toeschouwers de (lokale) pers en wat meeuwen.

Recht op toeschouwers
In 2005 besloot de Arnhemse voorzieningenrechter echter dat een rondje op een industrieterrein een te verre inperking was van het recht op demonstratie. Een mening moet je kunnen uitdragen voor mensen, niet alleen voor pers. Dat de NVU verbannen werd naar afgelegen terreinen op de onmogelijkste uurtjes ging te ver, aldus de rechter. Met deze uitspraak in de hand kon de NVU voortaan betere routes afdwingen. En zij heeft dit in de afgelopen 5 jaar dan ook gedaan. Toch probeert menige gemeente de nationaal socialisten uit hun wijken te houden. Zo ook Venlo.

Venlo
Op 10 juni jongstleden diende het kort geding dat Kusters had aangespannen tegen de gemeente Venlo. De burgemeester had de demonstratie van de NVU met de titel 'tegen miljardensteun aan EU-fraudeurs en tegen EU-dictatuur uit Brussel' verboden. Dit omdat er op die dag al een straatfeest gepland was in de buurt, waar veel kinderen zouden zijn. Hij wilde koste wat het kost voorkomen dat die in een gevecht zouden belanden. Ook was er vanwege het festivalseizoen volgens de gemeente niet voldoende politie op de been te brengen om alles in goede banen te leiden. Een demonstratie in oktober of november zou beter uitkomen. De NVU voelde daar niets voor, het thema zou nu spelen en bovendien zouden zij zich altijd aan de wet houden en zouden de wanordelijkheden juist vanuit antifascistische hoek komen. De voorzieningenrechter van Roermond riep de burgemeester op het matje en liet de demonstratie doorgang vinden, via een in de rechtszaal bepaalde route.

Inspanningsplicht en risicoanalyse
Om een demonstratie te verbieden moet er sprake zijn van een zwaarwegend belang. De burgemeester heeft hierbij een zware inspanningsplicht. Hij moet alles proberen: alternatieve routes voorstellen, verkeer omleiden en politie uit andere regio's halen. Lukt dit niet dan is er pas sprake van bestuurlijke overmacht.

Om aan te tonen dat er wanordelijkheden gaan plaatsvinden moet dit objectief bewezen worden. In de rechtspraak spreekt men van een gedegen risico analyse. Dit betekent dat de burgemeester moet overleggen met politie en hulpdiensten om hun inschattingen op te nemen. In veel gevallen laat de burgemeester dit na. Op dit punt zou dus nog wat te winnen zijn. Als er rapporten gemaakt zouden worden waaruit de vrees voor wanordelijkheden gestalte zou krijgen zou de rechter wellicht een verbod in stand houden.

Links
Vraag is of dit wenselijk is, want ook links wil graag het recht op (hun eigen) demonstratie houden. In het geval van een antifascistische tegendemonstratie wordt de vrees voor wanordelijkheden wel erkend als grond voor een verbod. In februari 2007 bepaalde de rechtbank in Zutphen dat het Comité stop extreemrechts geen demonstratie mocht houden tegen de NVU in Doetinchem. De rechter achtte de vrees voor ernstige wanordelijkheden door confrontaties tussen beide groeperingen gegrond.

Ook andere linkse groepen kregen te maken met verboden en vochten dit (al dan niet met succes) aan. Zo werd een protest tegen het aankomend kraakverbod last minute door de gemeente Den Haag verboden. Omdat de gemeente alleen telefonisch had meegedeeld dat de demonstratie niet mocht was er geen sprake van een besluit en kon er dus geen bezwaar tegen worden gemaakt.

In 2009 bepaalde de rechter dat Respect voor Dieren toch mocht demonstreren in Maastricht. De burgemeester bracht daar naar voren dat het een drukke zaterdag zou zijn, dat de 25 à 30 demonstranten die van plan waren voor winkels te betogen voor opstoppingen zouden kunnen zorgen waardoor er paniek zou kunnen uitbreken en de hulpdiensten niet snel ter plekke zouden kunnen zijn. Dit veegde de voorzieningenrechter van tafel, mede omdat de burgemeester niet eens contact had opgenomen met de betreffende hulpdiensten om een risico-inschatting te maken.

(uit: Alert!, nummer 2, juli 2010. Alert! is een uitgave van de Anti-Fascistische Actie Nederland - AFA)

terug naar inhoud