Racisme in Turkije: de case Hüseyin Nihal Atsiz


In dit nummer van Alert! het derde artikel uit een serie van artikelen over de historische achtergronden uit grofweg de eerste helft van de vorige eeuw van de huidige extreem- nationalistische en pan-Turkistische beweging in Turkije. In Alert! is door de jaren heen aandacht besteed aan meer actuele ontwikkelingen rond deze bewegingen en enige historische verdieping is daarom op zijn plaats. In deze serie korte artikelen komt ditmaal de turanist Nihal Atsiz aan bod. In het komende nummer van Alert! zal het antisemitisme en in mindere mate het nationaal-socialisme in Turkije nog aan de orde komen.

Nihal Atsiz
  Nihal Atsiz  
Inleiding
Na het uiteenvallen van het Osmaanse Rijk kwam met de revolutie van Atatürk een seculiere Turkse nationale identiteit op. De rivaliserende identiteiten van islam, Osmanisme en Turkisme vielen uiteen ten gunste van een vredelievend Turks nationalisme. Dit nationalisme beperkte zich tot de grenzen van de nieuwe republiek. Er werd sterk de nadruk gelegd op de oorsprong van de Turken en hun plaats in de geschiedenis.
Hüseyin Nihal Atsiz (1905-1975) bracht een andersoortig nationalisme tot uitdrukking: etnisch in plaats van burgerlijk, irredentistisch (*1) en racistisch in plaats van vredelievend. Dit is met name opvallend aangezien racisme een zeldzaam fenomeen is in Turkije, zelfs onder nationalistische denkers. (*2) Een reden voor deze situatie is de belangrijke rol van de islam in de Turkse nationale identiteit, ondanks het secularisme van de republikeinse regering. Voor veel Turken sluiten Turks-zijn en islam elkaar niet uit, maar vullen ze elkaar aan. De aanwezigheid van zeer weinig niet-islamitische Turken versterkte de identificatie van de Turken met de islam. Dit is de reden waarom Nihal Atsiz' ideologie velen vreemd aandeed, aangezien bij hem de islam geen centrale component van de Turkse nationale identiteit is. Hij werd evenzeer afgewezen door de meerderheid van het gewone volk als door de elite. Hij was succesvoller in het populariseren van de Turkse geschiedenis en de voorstellingswereld van de grijze wolf met zijn romans Bozkurtlarin Olumu (De dood van de Grijze Wolven ) uit 1946 en Bozkurtlar Diriliyor (De wedergeboorte van de Grijze Wolven) uit 1949. Beide romans staan bol van het Turkse heroïsme.

  kaft Atsiz  
Voortdurende strijd
Nihal Atsiz werd geboren in Istanbul op 12 januari 1905. Hij bezocht de lagere en middelbare school in Istanbul. In 1922 werd hij toegelaten tot de Militaire Medische School. Hij streed tegen 'communisten' in de school en was betrokken bij veel incidenten. (3) Hij werd van school gestuurd in 1925 omdat hij niet voor een Arabische officier had gesalueerd. In zijn memoires geeft hij echter toe dat bepaalde andere factoren ook een rol speelden bij zijn verwijdering van school, zoals een opstandige houding jegens zijn superieuren en relaties met vrouwen. (4)
Atsiz werkte, om in zijn levensonderhoud te voorzien, op een middelbare school als docent en publiceerde vervolgens een artikel in het tijdschrift Türkiyat. Dit artikel trok de aandacht van de bekende professor geschiedenis Fuat Köprülü. Atsiz schreef zich op aanmoediging van Köprülü in bij de faculteit der letteren, waarvan hij in 1930 afstudeerde. In hetzelfde jaar werd hij medewerker bij Köprülü. In 1931 publiceerde Atsiz zijn eerste blad, Atsiz Mecmua, dat bleef uitkomen tot 1932. Zijn eerste botsing met de autoriteiten was in verband met een intellectuele twist. (5)

  Atsiz Mecmua  
Aanval op de Turkse Historische These
Het eerste Turkse Historische Congres kwam op 2 juli 1932 bijeen. Tijdens dit congres werd het Turks-zijn van Anatolië 'bewezen' en werd gesteld dat Turken tot het 'witte' ras behoorden. Centraal Azië was de bron van alle beschavingen en de Anatolische beschaving was afkomstig van de immigranten die uit Centraal Azië kwamen. (6)
Ahmed Zeki Velidi Togan bekritiseerde tijdens het congres het boek Türk Tarihinin Ana Hatlari (De voornaamste tendensen in de Turkse geschiedenis) geschreven door onder andere Yusuf Akçura en Resit Galib. Togan bekritiseerde het boek omdat erin toevlucht werd genomen tot het veranderen van de geschiedenis middels onjuiste veronderstellingen. Hij stelde dat de Turkse geschiedenis diende te worden geanalyseerd als een ondeelbaar geheel. (7) Ten gevolge van deze strubbelingen nam Togan ontslag bij de Universiteit van Istanbul. (8)
In september 1932 werd Resit Galib minister van onderwijs. Galib strafte Atsiz naar aanleiding van diens steun voor Togan door hem in 1993 aan te stellen op een middelbare school in het oosten van Turkije. In hetzelfde jaar werd Atsiz overgeplaatst naar Edirne in West-Turkije, waar hij Orhun uitbracht. Van 1934 tot 1944 was hij docent literatuur op middelbare scholen in Istanbul. (9)

Omstreden
Hüseyin Nihal Atsiz was één van de controversieelste personen in de geschiedenis van het Turkse politieke denken. Hij was zijn hele leven actief was in Turkse nationalistische kringen. Atsiz bekritiseerde zonder aanzien des persoons mensen waarvan hij van oordeel was dat zij negatieve opvattingen huldigden ten aanzien van nationale kwesties.
Atsiz bracht zijn opvattingen tot uitdrukking ongeacht de ernst van de consequenties ervan. Een analyse van zijn artikelen uit de jaren dertig tot de jaren zeventig laat zien dat zijn ideeën - onder andere over ras, nationaliteit, religie en oorlogsvoering - geheel niet veranderden. Vanaf zijn tijdschriften Atsiz Mecmua, via Orhun naar Ötüken zien we dezelfde Atsiz. (*10) Zijn vasthoudendheid aan het ideaal (mefkūre-ülkü) waarin hij geloofde en de daardoor veroorzaakte vervolging kunnen worden vergeleken met die van de islamist Necip Fazil Kisakürek en de links georiënteerde Nazim Hikmet. (*11) De crux van de kwestie is dat in republikeins Turkije iedere uiting van een gedachte of ideologie die buiten de officiële kemalistische ideologie valt, niet acceptabel is en daarom niet wordt getolereerd.
Nihal Atsiz was een denker, romancier, dichter, wetenschapper en ideoloog. (12) Hij had een aantal authentieke gedachten op het gebied van de Turkse geschiedenis, waaronder het idee over een monolithische Turkse natie en cultuur van de Balkan tot de Altay en het bestaan van één of twee Turkse staten in de geschiedenis, in tegenstelling tot de officiële theorie over zestien staten. Hij was een goede romanschrijver, wiens boeken makkelijk te lezen zijn en die het heroïsme van de 'klassieke' Turken bevatten en een aantal generaties inspireerden met de voorstellingswereld van de grijze wolf. Atsiz schreef tevens gedichten die opvielen door het gebruik van simpel Turks.
Van eerdere denkers verschilde Atsiz in zijn opvattingen over religie. Hoewel hij niet openlijk het geloof bestreed en schreef dat zij belangrijke sociale functies heeft, toont een grondige studie van zijn artikelen zijn anti-religieuze neigingen. Voor Atsiz moet alles nationaal zijn: de taal, de literatuur, de muziek en de manier van leven. In dit opzicht is hij niet iemand die sterk gelooft in de republiek, omdat volgens hem Turkije in 1044 werd gevestigd met de oprichting van de staat van de Seldjoeken. Het politieke regime is aldus geen kwestie van belang voor hem. Wat ter zake doet is of een staat nationaal is of niet.

Turanisme in Turkije
In de gedichten van Ziya Gökalp kwam turanisme tot uitdrukking als de eenheid van alle Turken:

Het land van de vijand zal worden vernietigd
Turkije zal zich verenigen tot Turan
(13)

of specifieker:

Het vaderland is noch Turkije noch Turkestan
Het vaderland is een groot en eeuwig land: Turan
(14)

Turanisme of pan-Turkisme werd het 'buitenlandbeleid' van het Turkisme waarmee werd nagestreefd om alle Turken op de wereld te verenigen. Hoewel Atsiz zich wijdde aan een Turks-nationalistisch discours en beïnvloed was door de oudere schrijvers verschilde hij van mening met hen over een aantal kwesties. Hij deelde, wat van groot belang is, met Gökalp en Yusuf Akçura de gedachte over de kracht van het nationale ideaal (mefkūre) zodat de natie kan bestaan en belangrijke zaken kan bereiken, maar hij verschilde van hen door zijn racisme. Van de eerdere schrijvers was niemand openlijk racistisch. Desondanks valt er een direct verband waar te nemen tussen Gökalp en Atsiz. Na de dood van Gökalp in 1924 en de sluiting van de Turkse Haarden in 1931 was Atsiz de leider van het Turkisme geworden. (15)
Nihal Atsiz is een van de weinige Turkse denkers die openlijk voorstander was van racisme en turanisme. Atsiz is een product van de jaren dertig en veertig die waren gekleurd met racistische theorieën en een politieke sfeer die zich kenmerkte door expansionistische en irredentistische logica. Gedurende deze jaren waren democratieën op internationaal niveau in diskrediet gebracht. Racisme, zoals dat zich manifesteerde in haar Duitse variant, alsook autoritaire systemen wonnen terrein. In Turkije waren er talloze publicaties die neigden naar racisme/turanisme. Naast de tijdschriften van Atsiz waren er tal van andere als Ergenekon, Bozkurt, Tanridag, Gökbörü en Çinaralti. (16) De activiteiten van Atsiz moeten dus worden bezien onder deze buiten- en binnenlandse ontwikkelingen.
Tijdens de eerste twintig jaar van de republiek viel het pan-Turkisme niet erg op, er was eerder sprake van een latent turanisme. Pas in 1944 was er een botsing tussen de Turkisten en de regering. Het is moeilijk om vast te stellen of dit kwam doordat de nationalisten zelfverzekerder waren geworden of dat de regering wilde laten zien dat er slechts één legitieme en toegelaten ideologie was.

Het 'racisme-turanisme incident' in 1944
Nihal Atsiz' openlijke uitdaging gericht aan de 'communisten' in het staatsapparaat leidde tot de onderdrukking van nationalistische voormannen. In feite werden de turanisten ervan beschuldigd contacten te onderhouden met het nazi-regime in Duitsland tijdens de Tweede Wereldoorlog. (17) Atsiz publiceerde twee open brieven gericht aan premier Mehmet Sükrü Saracoglu in Orhun gedateerd 1 maart 1944 en 1 april 1944. In deze brieven bekritiseerde Atsiz communisten als Sabahattin Ali, die werkzaam was in het onderwijs. Het belangrijkste in de brieven was dat de minister van onderwijs Hasan Ali Yücel ervan werd beschuldigd dat hij zich met deze personen inliet. Hij werd verzocht om af te treden. Sabahattin Ali bracht Atsiz voor de rechtbank met de aanklacht dat Atsiz hem had beledigd. Op 3 mei 1944 (deze dag werd later ieder jaar door nationalisten gevierd als Dag van het Turkisme) demonstreerden studenten van de universiteit voor de rechtbank ten gunste van Atsiz. (*18) Later ontwikkelde de zaak zich tot een aanval op nationalisten, die leidde tot de arrestatie van onder andere Zeki Velidi Togan en Alparslan Türkes (de dan toekomstige oprichter en leider van Partij van de Nationalistische Actie - MHP). (*19) Zij werden beschuldigd van het voorbereiden van een coup tegen de regering. Op 19 mei 1944 veroordeelde president Ismet Inönü in zijn speech tijdens Dag van de Jeugd het turanisme. Het turanisme zou de relaties van Turkije met haar buren in gevaar brengen, hetgeen in het belang zou zijn van Duitsland. (20) Op 29 maart 1945 werd Atsiz veroordeeld tot zes jaar gevangenisstraf. Op 31 maart 1947, na een verblijf van zeseneenhalf jaar in de gevangenis, werden alle aangeklaagden vrijgesproken daar het Militaire Hof van Beroep de uitspraak vernietigde. (21) Later werd door velen gesteld dat dit vonnis politiek smeergeld was voor de Russen, die toen enige tijd terug de Duitsers hadden verslagen. (22)
Atsiz en de andere aangeklaagden werden door de politici en de journalisten bekritiseerd omdat zij turanisme zagen als avonturisme en racisme als een opvatting die het land intern zou verdelen. Desondanks zeiden velen van hen, waaronder ook Sükrü Saracoglu, dat ze Turkisten waren; niettemin waren ze tegen racisme. Bovendien werd het kemalisme bepleit als de enige legitieme ideologie, terwijl extreem links en extreem rechts als gevaarlijke ideologieën werden gezien. (23) In feite toonde het ontslag in 1947 van een aantal vooraanstaande professoren vanwege de beschuldiging dat zij communisten zouden zijn, de intolerantie van het regime ten opzichte van links en rechts. (24) De racisme-turanisme rechtszaak in 1944 en de beslissing in 1947 met betrekking tot de professoren moet bijgevolg gezien worden in het perspectief van hetzelfde beleid van de staat. De aanval op rechts was desalniettemin veel harder dan die op links.

Turkse wereld
Eenheid in taal, in opvoeding
De idealistische jongeren
  sticker  
Rehabilitatie
Atsiz had geen baan tussen 1947 en 1949. Vanaf 1949 werkte hij als vakexpert in de Suleymaniye Bibliotheek in Istanbul. In 1969 nam hij ontslag. In een artikel van Atsiz in Ötüken beschuldigde hij bepaalde parlementariërs ervan pro-Koerdisch te zijn, wat tot een andere rechtszaak tegen hem leidde. Hij werd gearresteerd in 1973 vanwege het beledigen van de betroffen personen. President Fahri Korutürk verleende hem later gratie. (25) Atsiz stierf in 1975.
De gebeurtenissen in de jaren veertig, onder andere met betrekking tot Atsiz, lieten zien dat iedere afwijking van de officiële ideologie niet werd getolereerd in Turkije. Atsiz' racisme in een islamitisch milieu - ondanks de secularisatie van het land - sprak de massa's niet aan. Turanisme werd aan de andere kant echter door de staatsbureaucratie gezien als een gevaarlijk denkbeeld dat de sovjets zou provoceren. Zodoende kregen zijn ideeën weinig steun, noch van de massa noch van de politici. De acceptabele vorm van nationalisme was een Turks nationalisme dat binnen de grenzen bleef van Turkije. Het was de MHP van Türkes die tot op zekere hoogte de opvattingen van Atsiz op politiek niveau tot uitdrukking bracht. (*26) Deze partij had niet de meerderheid van de stemmen, maar was wel een kracht om rekening mee te houden in de Turkse staat. Het pan-Turkisme had aan het eind van de eeuw veel van haar agressiviteit verloren. In haar plaats is de culturele en economische samenwerking binnen de Turkse wereld populair geworden. Aldus mag worden gesteld dat Atsiz deels gerehabiliteerd is op politiek-ideologisch vlak, aangezien zelfs linkse partijen de versteviging van de relaties met de Turkse landen steunen.

Het militarisme van Atsiz

Voor Atsiz gaat het bij het leger om de wetenschap van de confrontatie. Om te kunnen leven moet men vechten; vechtkunst leidt dus tot het recht om te leven, de enige echte wetenschap. Turkisme ondersteunt de schepping van een gedisciplineerde natie. De traditionele en hedendaagse vijanden van Turkije zijn de Russen, het communisme, de vrijmetselarij en het zionisme. Om deze vijanden het hoofd te bieden moeten de Turkisten zich inschrijven voor de militaire scholen en de School voor Politieke Wetenschappen, die de toekomstige bureaucraten opleidt. (27) In zijn voorstel voor de hervorming van het middelbaar onderwijs, staat Atsiz de introductie voor van zowel theoretisch als praktisch militair onderwijs. Nationale sporten als worstelen zouden op school moeten worden onderwezen. (28) Eén van Atsiz' leuzen was 'Alle Turken zijn een leger'. (29)

Dit artikel is een ingekorte vertaling en bewerking van: Umut Uzer, Racism in Turkey: The Case of Huseyin Nihal Atsiz, Journal of Muslim Minority Affairs, jaargang 22, nummer 1, 2002.

Van dit artikel is ook een uitgebreidere vertaling beschikbaar.

Vertaling en bewerking: Ernst Haffmans, Onderzoeksgroep Turks extreemrechts

Uit: Alert!, nummer 3, jaargang 8, september/oktober 2004

Noten:
(*1) Irredentisme: het streven naar hereniging van die delen van een volksgemeenschap die door de historische ontwikkelingen van het stamland gescheiden zijn, met dit land. Noten met een * zijn overigens toegevoegd door de Onderzoeksgroep.
(*2) Wij delen Uzer's opvatting als zou racisme in Turkije maar op beperkte schaal voorkomen niet. Zie voor een andere visie: Yücel Yesilgöz, Double standard: the Turkish state and racist violence, uit: Racist violence in Europe, Tore Björgo en Rob Witte (red.), St. Martins's Press, 1993, pp. 179-193.
(3) Mustafa Ozden, 'Olumunun 21. Yildonumunde Kusaklara Oncu olmus Buyuk Onder: H. Nihal Atsiz', Turk Dunyasi Tarih Dergisi, jaargang 21, nummer 121, 1997, p. 46.
(4) Hüseyin Nihal Atsiz, Canakkale'ye Yuruyus. Turkculuge Karsi Hacli Seferleri, Irfan, 1997, p. 232. Voor een andere interpretatie van zijn ontslag, zie Sakin Oner, Nihal Atsiz, Toker, 1988, p. 10.
(5) Atsiz'dan Adile Ayda'ya Mektuplar, geen uitgever, 1988, p. 12.
(6) Nadir Ozbek, 'Zeki Velidi Togan ve Turk Tarih Tezi', Toplumsal Tarih, jaargang 8, nummer 45, 1997, p. 21. (7) Ozbek, 'Zeki Velidi Togan', pp. 22-23.
(8) Jacob Landau, Pan-Turkism: From Irredentism to Cooperation, Indiana University Press, 1995, p. 95. Toevoeging Onderzoeksgroep: Zie voor meer informatie over Togan: Friedrich Bergdolt, Der geistige Hintergrund des türkischen Historikers Ahmed Zeki Velidi Togan, nach seinen Memoiren, Klaus Schwarz Verlag, 1981.
(9) Atsiz'dan Adile Ayda'ya Mektuplar, op. cit., p. 13.
(*10) Zie voor meer informatie over de tijdschriften van Atsiz en andere pan-Turkistische tijdschriften: Charles Warren Hostler, De jeugd en de pan-Turkistische massa-propaganda in Turkije, Alert!, nummer 1, jaargang 8, maart/april 2004 (op internet: http://www.xs4all.nl/~afa/comite/artikel/artikel97.html).
(*11) Zie voor Kisakürek: Margreet Dorleijn, Hanneke van der Heijden, Poëet achter Turks terrorisme, De Groene Amsterdammer, 13 december 2003. Zie voor Hikmet: Mehmet Emin Yildirim, Inleiding, in: Nazim Hikmet, De mooiste van Hikmet, Lannoo/Atlas, 2003, pp. 5-20.
(12) Hikmet Tanyu over Atsiz in: Refet Koruklu and Cengiz Yavan, Turkculerin Kaleminden Atsiz, Turk Dunyasi Arastirma Vakfi, 2000.
(13) Ziya Gökalp, Kizil Elma, Toker, 1995, p. 108.
(14) Ziya Gökalp, Turklesmek, Islamlasmak, Muasirlasmak, Toker, 1988, p. 63.
(15) Atsiz'dan Adile Ayda'ya Mektuplar, op. cit., p. 5.
(16) Landau, Pan-Turkism, op. cit., pp. 88-92.
(17) Jacob Landau, Jews, Arabs, Turks. Selected Essays, Magnes Press, 1993, p. 180.
(*18) zie: De Dag van het Turkisme, http://www.xs4all.nl/~afa/comite/boek/h11.html. En zie voor een actueel voorbeeld van de aandacht van Turkse extreem-nationalisten het korte artikel '3 Mayis Türkçüler Bayrami kutlu olsun' http://www.turkfederasyon.nl/modules.php?name=News&file=article&sid=33 afkomstig van de nieuwe website (in juli 2005 niet online) van de Turkse Federatie Nederland.
(*19) Voor een volledige lijst van alle arrestanten zie: Günay Göksu Özdogan, The Case of racism-turanism, Turkism during single-party period, 1931-1944, A radical variant of turkish nationalism, Bogaziçi University, 1990, p. 415. Op internet: http://www.xs4all.nl/~afa/comite/boek/h11.html.
(20) Irkcilik-Turancilik, Milli Egitim Basimevi, 1944, pp. 6-8.
(21) Mustafa Ozden, 'Atsiz ve 1944 Irkcilik-Turancilik Olayi', Turk Dunyasi Tarih Dergisi, jaargang 21, nummer 122, 1997, pp. 22-23.
(22) Ozden, 'Atsiz ve 1944', 1997, op. cit., p. 47.
(23) Irkcilik-Turancilik, op. cit., pp. 36-38.
(24) Ugur Mumcu, 40'larin Cadi Kazani, Tekin, 1992, op. cit., p. 99.
(25) Atsiz'dan Adile Ayda'ya Mektuplar, op. cit., p. 15.
(*26) Türkes en Atsiz kenden elkaar vanaf de tijd dat de eerste op de middelbare school zat en waren beiden betrokken bij het 'racisme-turanisme incident' in 1944. In de beginperiode van MHP kwam het echter tot een breuk tussen Atsiz en Türkes. Volgens Türkes zou Atsiz zich erop beroemen dat hij het eigenlijk was die de MHP leidde. Deze claim werd door Türkes afgewezen. Daarnaast schreef Atsiz in 1971 een aantal artikelen waarin hij zijn racistische theorieën nog eens uit de doeken deed en waarin hij tevens de islam bekritiseerde. Volgens Atsiz was de islam inferieur ten opzichte van het sjamanisme. Türkes, bezorgd over het imago van zijn partij, voelde zich genoodzaakt om zich, middels een aantal brieven, van Atsiz' opvattingen te distantiëren. De breuk tussen beiden zou zich later nog verdiepen. Zo was Türkes in 1975 zelfs niet op de begrafenis van Atsiz. (bron: Jacob M. Landau, Atsiz and Türkes: A Note on The History of Pan-Turkism in Turkey, The International Journal of Turkish Studies, jaargang 26, nummer 1, 2002).
(27) Atsiz, Turk Ulkusu, pp. 103-104, 106-107.
(28) Atsiz, Makaleler III, Irfan, 1992, pp. 189-190.
(29) Ibidim, p. 253. 'Butun Turkler bir Ordu'.

Meer lezen over Atsiz:
Hostler, Charles Warren, Turkism and the Soviets, The Turks of the World and Their Political Objectives, George Allen & Unwin, 1957

Landau, Jacob M., Atsiz and Türkes: A Note on The History of Pan-Turkism in Turkey, The International Journal of Turkish Studies, jaargang 26, nummer 1, 2002

Landau, Jacob M., Pan-turkism, From irredentism to cooperation, Hurst & Company, 1981

Landau, Jacob M., Radical Politics in Turkey, Brill, 1974

Landau, Jacob. M., Ultra-nationalist literature in the turkish republic: a note on the novels of Hüseyin Nihâl Atsiz, Middle Eastern Studies, jaargang 39, nummer 2, april 2003

Özdogan, Günay Göksu, The Case of racism-turanism, Turkism during single-party period, 1931-1944, A radical variant of turkish nationalism, Bogaziçi University, 1990