Een parlement van moordenaars


In het nieuwe Turkse parlement, na de parlementsverkiezingen op 19 april 1999, zijn talloze parlementariërs aanwezig die een reputatie hebben gekregen als moordenaar, smokkelaar of drugshandelaar. De meeste van deze parlementariërs komen uit de MHP, gevolgd door DYP, ANAP en FP. Bijna allen hebben een carrière als hoge functionaris bij de idealistische verenigingen achter de rug en genieten nu parlementaire onschendbaarheid.

Devlet Bahçeli, MHP-voorzitter, vice-premier: zie portret Devlet Bahçeli.

Mehmet Gül, MHP-Istanbul-vertegenwoordiger: Op 27 april 1979 werd Gül in Istanbul gearresteerd wegens een bomaanslag die plaatsvond op 16 maart 1978. Hij werd in eerste instantie veroordeeld. Uiteindelijk werd Gül echter vrijgesproken. Bij de bomaanslag stierven zeven studenten en raakten 41 studenten gewond. Toentertijd was hij de voorzitter van de idealistische verenigingen in Istanbul. Hij was verantwoordelijk voor de meeste aanslagen en bomaanslagen tegen linkse mensen in Istanbul.

Ahmet Çakar, MHP-Istanbul-vertegenwoordiger: Ook zijn naam duikt op in verband met de aanslag op 16 maart 1978.

Mustafa Verkaya, MHP-Istanbul-vertegenwoordiger: Een bekende wapensmokkelaar van voor de coup in 1980. Zijn naam komt voor in de verklaringen van Ali Yurtaslan. Yurtaslan, een MHP-afhaker, had in 1979 in een uitvoerig interview met de krant Aydinlik een omvangrijke hoeveelheid informatie verstrekt over de illegale activiteiten van de Grijze Wolven.

Ahmet Kenan Tanrikulu, MHP-Izmir-vertegenwoordiger: Hij ontsnapte in 1990 samen met Abdullah Çatli uit de Zürichse Bostadel-gevangenis.

Ismail Hakki Cerrahoglu, MHP-Zonguldak-vertegenwoordiger: Hij was voorzitter van de idealistische vereniging in Istanbul. Hij werd onder andere gezocht door de politie vanwege de moord (21 juli 1980) op de linkse journalist Recai Ünal van de krant Demokrasi. Hij kon echter tijdig naar Frankrijk vluchten. Hij leefde daar als asielzoeker. Hij was in Frankrijk betrokken bij opbouw van MHP-mantelorganisaties. Hij richtte allereerst de Paris Ülkücü Isçiler Dernegi op. Later richtte hij de Fransa Türk Federasyonu op. Van deze federatie was hij voorzitter tot april 1999. Voor de verkiezingen in Turkije veranderde hij zijn oorspronkelijke achternaam Parlak in Cerrahoglu. Hij keerde vervolgens terug naar Turkije. Inmiddels is het vonnis tegen hem verjaard.

Mehmet Sandir, MHP-Hatay-vertegenwoordiger: Voor 1980 werkte hij als douanier. Hij was een zakenpartner van Musa Serdar Çelebi. Çelebi was betrokken bij de aanslag op de paus. Sandir behoorde tot die MHP-kaders, die bepaalden welke gewelddadige acties van de Grijze Wolven plaatsvonden.

Ali Uzunirmak, MHP-Aydin-vertegenwoordiger: Hij zat tijdens zijn verblijf in Duitsland ook een tijd in de gevangenis. Bovendien heeft Uzunirmak samen met Ünal Osmanoglu, de moordenaar van de vakbondsleider Kemal Türkler (DISK), handel gedreven in Kusudasi.

Mehmet Kundakçi, MHP-Osmaniye-vertegenwoordiger: Hij was voor 1980 een centrale persoon in de MHP. Hij is een van verantwoordelijken voor het Bahçelievler-bloedbad. Op 9 oktober 1978 schoot een groep Grijze Wolven zeven leden van de Turkse Arbeiderspartij (TIP) dood in de wijk Bahçelievler van Ankara.

Ali Güngör, MHP-Icel-vertegenwoordiger: Hij vermoordde op 13 april 1970 de links georiënteerde Dr. Necdet Güçlü. De pistolen die bij de moord werden gebruikt, waren van twee officieren (Fehmi Altinbilek en Mustufa Ilerisoy). Deze twee leidden de Grijze Wolven op voor het voeren van een speciale oorlog.

Fahri Yüksel, MHP-Malatya-vertegenwoordiger: Hij werd aangeklaagd in de zaak vanwege de moord op de onderwijzer Nevzat Yildirim op 7 juni 1978.

Recai Yildirim, MHP-Adana-vertegenwoordiger: Hij was in 1979 voorzitter van de idealistische vereniging in Adana. Zijn naam wordt in verband gebracht met de moorden in deze stad op linkse mensen. De wegens moord aangeklaagde Yildirim werd uiteindelijk vrijgesproken vanwege de verjaring van het vonnis.

Sefkat Çetin, MHP-Ankara-vertegenwoordiger: Voor 1980 organiseerde hij in de Gazi-Egitim-universiteit in Ankara de Grijze Wolven. Hij had MHP-militanten voorbereid op het uitvoeren van aanslagen en was verantwoordelijk voor het verwerven van wapens.

Ali Halaman, MHP-Adana-vertegenwoordiger: In 1978 werd hij wegens wapensmokkel gearresteerd. Halaman behoort tot de MHP-aangeklaagden na de coup van 1980.

Muzaffer Çakmakli, MHP-Urfa-vertegenwoordiger: Een nauwe handelspartner van de voormalige DYP-parlementariër Sedat Bucak. Bucak, een drugsbaron, was een van de hoofdrolspelers in de Susurluk-affaire. Çakmakli wordt beschuldigd van betrokkenheid bij drugshandel.

Osman Durmus, MHP-vertegenwoordiger (minister van gezondheidszorg): Deze minister heeft na de catastrofale aardbeving op 17 augustus buitenlandse hulp afgewezen. Ze zou overbodig zijn. Daarnaast gedroeg hij zich toen racistisch. Durmus had onder andere bedenkingen tegen de inzet van buitenlandse artsen omdat zij niet zouden passen binnen de Turkse cultuur en wees bloed uit Griekenland af.

Abbas Bozyel, MHP-Igdir-vertegenwoordiger: Voor 1980 voorzitter van de Ülkü-Köy. Hij was betrokken bij diverse moord- en bomaanslagen. Na de coup van 1980 vluchtte Bozyel naar Duitsland.

Adnan Uças, MHP-Amasya-vertegenwoordiger: Hij was als opdrachtgever van bouwprojecten betrokken bij talloze gevallen van corruptie. Tegen Uças loopt nog een gerechtelijk vooronderzoek.

Celal Adan, DYP-Istanbul-vertegenwoordiger: De naam Celal Adan staat voor talrijke moorden op linkse oppositionelen. Voor 1980 stond hij bekend als één van de militantste Grijze Wolven in Istanbul. Adan was de oprichter van de zogenaamde 'Istanbulse Groep'. Zijn naam duikt onder meer op in verband met de moord op de progressieve DISK-vakbondleider Kemal Türkler.

Meral Aksener, DYP-Kocaeli-vertegenwoordigster: Minister van binnenlandse zaken in de DYP/RP-regering na het aftreden van Mehmet Agar. Ze staat bekend als een vertrouwelinge van Çiller. Ze was handelspartner van Abdullah Çatli (alias Mehmet Özbay). Tegen Çatli was een internationaal opsporingsbevel uitgevaardigd wegens moord en drugshandel. Çatli kwam om het leven bij het Susurluk-ongeval.

Hayri Kozakçioglu, DYP-Istanbul-vertegenwoordiger: Voormalige politiecommissaris van Istanbul, vervolgens gouverneur van het uitzonderingstoestandgebied, tenslotte gouverneur van Istanbul. Onder zijn bewind in het zuidoosten van Turkije waren er zeer veel dorpsontruimingen en dientengevolge veel vluchtelingen. Sinds 1995 parlementariër.

Sedat Bucak, DYP-Urfa-vertegenwoordiger: Leider van de Bucak-stam en enige overlevende van het Susurluk-ongeval. Hij streed met ettelijke duizenden mannen aan de zijde van de Turkse staat tegen de PKK. Bucak en zijn stam zijn betrokken bij wapen- en drugshandel.

Tansu Çiller, DYP-voorzitster en Istanbul-vertegenwoordigster (ex-minister presidente en minister van buitenlandse zaken): Çiller is betrokken bij diverse corruptie-affaires. Zij wordt ervan beschuldigd geld van de staat voor eigen gebruik te hebben aangewend en in contact te hebben gestaan met de maffia. Bovendien zou zij gespioneerd hebben voor de CIA. Vier maal werd in het Turkse parlement gestemd of Çiller zich wegens corruptie, het aannemen van smeergeld, persoonlijke verrijking en spionage zou moeten verantwoorden voor de rechtbank - de moties werden echter elke keer weggestemd.

Murat Basesgioglu, ANAP-Kastamonu-vertegenwoordiger, ex-minister van binnenlandse zaken: Op 23 januari 1975 bestormde een gewapende groep Grijze Wolven de bouwkunde en architectuurfaculteit in Van. Bij de aanval raakten veel studenten zwaar gewond. Basesgioglu was één van de aanvallers.

Ibrahim Yasar Dedelek, ANAP-Eskisehir-vertegenwoordiger: Een groep van Grijze Wolven bestormde op 27 december 1976 de Güzel Sanatlar-Academie in Istanbul. Bij deze bestorming werd de student Ali Necep Bozalioglu vermoord. Dedelek werd als leider van deze Grijze Wolven gearresteerd. Hij werd echter op 26 oktober 1979 weer vrijgelaten.

Mustufa Bayram, Van-vertegenwoordiger, 'onafhankelijk': Hij werd in 1995 gekozen in het parlement voor de ANAP. Zijn naam duikt op in verband met de activiteiten van de bekende smokkelaars Haci Resit Zigari en Feto. In 1979, 1980, 1983, 1984, 1986, 1987 en 1988 werd hij in Van en Istanbul gearresteerd in verband met politie-acties tegen drugshandel. Elke keer werd Bayram weer vrijgelaten. Op 9 januari 1998 werd zijn immuniteit opgeheven, omdat hij in 1991 twee mensen zou hebben vermoord.

Temel Karamollaoglu, FP-Sivas-vertegenwoordiger: Hij is de hoofdverantwoordelijke voor de moord op 37 mensen in 1994 in Sivas. Karamollaoglu had als burgemeester van Sivas aan een manifestatie deelgenomen, waarbij een hotel in brand werd gestoken en de hotelgasten werden gehinderd het pand te verlaten. 37 Mensen in het hotel kwamen om het leven. Het betrof kritische kunstenaars, linkse mensen en alevieten.

Mehmet Agar, Elazig-vertegenwoordiger, 'onafhankelijk': Agar slaagde erin om als 'onafhankelijke' kandidaat, zonder enige partijsteun, te worden herkozen. Agar is een voormalige hoogste politiechef van Turkije, hij was later minister van justitie en in de RP-DYP-regering was Agar minister van binnenlandse zaken. Hij is de sterkst door de Susurluk-affaire in diskrediet gebrachte politicus. Hij heeft persoonlijk in zijn hoedanigheid van minister een wapenvergunning en een diplomatieke pas verstrekt aan Abdullah Çatli. Volgens een verklaring van een voormalige topfunctionaris van de Turkse geheime dienst MIT Mehmet Eymür liet Agar 80 kilo heroïne, die in Istanbul in beslag was genomen, overbrengen naar West-Europa.

De volgende MHP-parlementariërs behoren tot aangeklaagden in het MHP-proces na de militaire coup van 1980. Zij werden ervan beschuldigd betrokken te zijn bij diverse moord- en bomaanslagen tegen democraten, socialisten, vakbondsmensen, docenten en studenten:
Ali Özdemir (Gaziantep), Arslan Aydar (Kars), Nidai Seven (Agri), Sadi Somuncuoglu (Aksaray), Hakki Duran (Cankiri), Ali Keskin (Denizli) en Haci Mehmet Ceylan (Sivas).

Uit: F. Aslan, K. Bozay, Graue Wölfe heulen wieder, Türkische Faschisten und ihre Vernetzung in der BRD, 2e druk, 2000, pp. 156-160. Het betreft een bewerkte vertaling.