Stop de Grijze Wolven!


Na het door ons Comité in maart 1997 uitgebrachte boekwerkje 'Stop de Grijze Wolven, Turks extreem-rechts' over de activiteiten van Grijze Wolven in Nederland, was het wachten op de klapper. Enerzijds hadden we de illusie dat het een politiek effect zou hebben, maar die hoop was, ook al gezien de lauwe reacties van politiek en bestuurders op suggesties ter bestrijding van Neerlands extreem-rechts, een schamele. Anderzijds zouden de politieke consequenties van een stevige, grondige aanpak van Turks extreem-rechts niet te overzien zijn; men zou immers de officiële staatsideologie van de Turkse staat afvallen. Dit zou op teveel weerstand van het Hollandse bedrijfsleven, inlichtingendiensten en militairen stuiten. We hoopten niet dat de xenofobie of de angst voor de opbouw van een 'vreemde' staat binnen Nederland door fascistische Turken de doorslag voor bestrijding door de overheid zou geven. Want wat we juist wilden was een inhoudelijke beoordeling op het rechts-extremistische karakter van de Grijze Wolven en de daaraan gelieerde groeperingen als bijvoorbeeld de maffia. De Turkse maffia wordt, zoals bekend, ook ingezet voor huurmoorden en politieke liquidaties. Helaas bleef de impact van onze publikatie, naast een hausse van bestellingen door welzijnsinstellingen, bibliotheken, buurthuizen, migrantenorganisaties, persinstanties en politieke partijen, beperkt tot wat gerommel binnen de Amsterdamse stadsdeelradenpolitiek. Enkele dagbladen, voornamelijk het Parool, en in mindere mate de Trouw en het Algemeen Dagblad berichtten af en toe wat ook wat. EO-tijdsein deed haar best om binnen te dringen bij Turkse en Koerdische organisaties in een wat insinuerende uitzending, die de smaak van een bendeoorlog-niveau niet echt oversteeg.
Door onze publikatie kwam ook, ongewild, aan het licht dat er twee journalisten, Mehmet Ülger en Stella Braam, met een boek bezig waren over de Grijze Wolven. Op 30 september lag deze eindelijk in de winkel. Aangekondigd met een achtergrondverhaal in de Volkskrant en een reportage bij Netwerk-TV waarschuwen zij voor de opbouw van een gewelddadige, extreem-nationalistische Turkse organisatie in Nederland, die doelbewust de integratie van Turken in Nederland frustreert. Met name Turkse jongeren, gespeend van toekomstperspectief op de Nederlandse arbeidsmarkt en in feite genegeerd door jongerencentra en sportverenigingen, blijken vatbaar voor de nationalistische slogans van de Grijze Wolven.
Het boek 'Grijze Wolven, een zoektocht naar Turks extreem-rechts', is een zeer leesbaar werkje geworden, waarin bij het begin wordt begonnen. Het is letterlijk een zoektocht. De beide auteurs schromen niet om her en der naar binnen te stappen en al naar gelang de situatie het toelaat, wat prikkelende vragen te stellen. Voorafgaand aan elk hoofdstuk worden de onderzoeksvragen geformuleerd of wat stellingen geponeerd, die vervolgens onderzocht, gecontroleerd en uitgediept worden. Waar het nodig is, wordt een korte historische beschrijving gegeven, zoals bijvoorbeeld over de ideologie achter de Grijze Wolven (de negen lichten-doctrine) en het verhaal achter hun, op 4 april 1997 overleden, leider Alparslan Türkes. Waar wij in onze publikatie kozen voor een veel gedocumenteerder, geschiedkundiger beschrijving van historie, ideologie en opbouw van de beweging van de Grijze Wolven, doen Braam en Ülger het met bovengenoemde interventies. Begrijpelijk als het gaat om de leesbaarheid, jammer voor de functie die een boek kan hebben als naslagwerk. In dat licht is het aan te raden beide boeken te bestuderen, want in velerlei opzicht vullen zij elkaar perfect aan. In het boek van Ülger en Braam tref je een ongeëvenaarde kijk in de gedachtenwereld van Turks extreem-rechts aan, onontbeerlijk voor een goede bestrijding van hen. Er worden bijeenkomsten van Ülkücüler (Idealisten, zo noemen Grijze Wolven zich) beschreven, deelraadpolitici geciteerd en bestuurders van de Hollanda Turk Federasyon (HTF) aan het woord gelaten. Opvallend is de benadering van de lokale politici van NIVO (Nieuwe Volksvertegenwoordigers) in Geuzenveld/Slotermeer in Amsterdam, als zij op de hoogte worden gebracht van de activiteiten van hun Turkse deelraadslid: "Daar heeft hij nooit over gesproken. Wel bleek dat hij contacten heeft met een moskee in de Johannes Poststraat." Deze moskee, de Mescid-i Aksa, staat op de lijst van de HTF. Maar van onderzoek hebben politieke partijen geen kaas gegeten. Het liefst duwen ze alles in de doofpot en zetten ze het betreffende raadslid, nadat alle commotie is geluwd, op een onverkiesbare plaats op de kieslijst of ze voeren hem helemaal af.
De conclusie en analyse van beide schrijverscollectieven verschillen niet wezenlijk van elkaar. Beide doen een dringend beroep op overheidsinstanties voor maatregelen ter bevordering van het wegnemen van de achterstandspositie van Turkse jongeren (en andere allochtonengroepen), het opzetten van goede taalcursussen (zijn er niet in Nederland, zo is de schrikwekkende conclusie na onderzoek), openen in plaats van sluiten van centra en instellingen voor Turkse jongeren (waar ze zich wel welkom voelen), stopzetten van allerhande subsidies aan Grijze Wolveninstellingen, sneller stemrecht op lokaal en landelijk niveau, ondersteunen van initiatieven uit de Turkse gemeenschap ter bevordering van integratie, een humaan asielbeleid, tegengaan van ghetto-vorming door een beter huisvestingsbeleid, maatregelen tegen de dominantie van Turkse staatspropaganda door TRT en de Turkse kranten èn daadwerkelijke bestrijding van Nederlands extreem-rechtse groeperingen zodat allochtonen in Nederland het idee krijgen dat er voor hun rechten opgekomen wordt. Al deze maatregelen zijn er op gericht om Turkse jongeren uit de klauwen van de extreem-nationalisten te houden. Wat niet wil zeggen dat beide schrijverscollectieven vinden dat Turken hun eigen geschiedenis en identiteit moeten opgeven, integendeel. Hierop wordt in het boek van Ülger en Braam een onderzoek van de linguïst J. Aleemi aangehaald: "Daaruit blijkt dat het hebben van meerdere culturen, anders dan men denkt, niet tot ellende leidt. Integendeel, de 'meerculturiaan' voelt zich doorgaans in elk van beide culturen thuis. Hij verenigt beide culturen in zichzelf. Dat stelt hem in staat om zaken te relativeren, om constructieve compromissen te vinden, om (inter-)culturele tegenstellingen en problemen rationeel aan te pakken en op te lossen. Met dat supraculturele denken slaat hij waar nodig een brug tussen twee culturen." Hierbij sluiten wij ons van harte aan. Nu de politiek nog.

Ernst Haffmans

Ernst Haffmans is perswoordvoerder van het Comité 'Stop de Grijze Wolven'

Stella Braam/Mehmet Ülger, Grijze Wolven, een zoektocht naar Turks extreem-rechts, Nijgh en Van Ditmar, isbn 9038802986, 1997, f 29.80