De tijdbom Cyprus
11-14 Augustus 1996, Turks-Cyprus. Enkele duizenden Grijze Wolven worden naar het al 22 jaar illegaal door Turkije bezette gedeelte van Cyprus gezonden na rellen tussen Griekse en Turkse demonstranten, waarbij aan Griekse kant twee doden vielen. De Grijze Wolven zullen gaan worden ingezet als demonstranten tegen protesten van Griekse en Europese motorrijders tegen de opdeling van het eiland. (Kurdistan Rundbrief 18/96)
Bij confrontaties langs de bestandslijn in Cyprus is onlangs het eerste slachtoffer aan Turkse zijde gevallen. Een andere militair raakte gewond. Twee extreem-rechtse Grieks-Cypriotische organisaties hebben de verantwoordelijkheid opgeëist. Familieleden van de omgekomen soldaat verklaarden echter dat de twee militairen zijn neergeschoten door Turkse soldaten. Volgens de familieleden was de reden dat de slachtoffers, beiden Koerden, zich negatief hadden uitgelaten over de Turkse politiek ten aanzien van de Koerden in Irak.
(Turkije Infoservice nr. 4, oktober 1996)
Op Cyprus is een 1200 man sterke troepenmacht van de Verenigde Naties gestationeerd en deze weet de partijen aardig te scheiden en zodoende de orde enigszins te handhaven. Allerlei gemanouvreer met regels over het uithangen van de vlag, en vooral waar en wanneer dat mag, zorgen ervoor dat beide bevolkingsgroepen elkaar niet regelmatig in de haren vliegen. Maar het blijft pappen en nathouden, want de twee volken kunnen absoluut niet met elkaar opschieten. Ook de Cypriotische leiders, de Griekse en de Turkse, trekken vieze gezichten als ze het woord 'oplossing' in de mond nemen. Hun posities lijken vast te staan, in ieder geval hebben de meer dan zestig VN-resoluties over Cyprus de partijen geen millimeter dichter bij elkaar gebracht. De talloze Europese bemiddelaars dropen telkens zonder resultaat af. De sfeer waarin escalaties kunnen plaatsvinden is te gespannen, te tastbaar, er is gewoonweg geen enkele opening tot het sluiten van een compromis. Zeker niet de laatste maanden van 1996, waarin nog meer dodelijke slachtoffers vielen. In 1989 schoten de Turken zonder pardon een Griekse soldaat dood die in een gebaar van opperste minachting zijn broek had laten zakken. In augustus 1996 knuppelden ze een Griekse relschopper dood en schoten zij een paar dagen later diens neef, die de Turkse vlag uit de vlaggemast wilde neerhalen, ook dood. Niet veel later schoot de Turkse grenswacht opnieuw een Griek dood toen hij, verdwaald geraakt bij het slakken zoeken, de Groene Lijn passeerde. Gevallen voor de zaak van enosis (aansluiting) van het eiland bij Griekenland. Turkse Cyprioten geven steevast hun leven voor taksim (opdeling).
Het Ierse VN-politie-team is belast met het onderzoek naar de dood van de Griek, die op 11 augustus 1996 was doodgeknuppeld. Hij had meegedaan aan een optocht van motorrijders dwars door de Groene demarcatielijn. De Turkse politie had honderden jongeren, waaronder extreem-nationalistische Grijze Wolven in bussen naar de confrontatiezone gereden. Met knuppels en ijzeren staven stonden ze de demonstranten op te wachten. Na het neerschieten van de neef van het eerste dodelijke Griekse slachtoffer, die probeerde de Turkse vlag neer te halen, sprak de Turkse minister van Buitenlandse Zaken, Tansu Çiller de volgende woorden: "Wij zullen elke hand, die naar de Turkse vlag reikt, afhakken."