logo onderzoeksgroep

arrow Overzicht publicaties

Stop de Grijze Wolven! - Turks Extreem rechts

Inhoud
Colofon
1. Inleiding
2. MHP, de moederpartij van de Grijze Wolven in Turkije
3. De Turkse extreem-nationalistische beweging in West-Europa en Nederland
4. Activiteiten van de Grijze Wolven in Nederland
5. Alert tegen Grijze Wolven
6. Tussen Islam en liberalisme
7. De ideologie van de MHP
8. Grijze Wolf-zijn is net zijn als een nazi, .....maar dan voor Turkije
arrow 9. De ontwikkeling van rechtse politieke organisaties en oriëntatie van Turkse migranten in de BRD
10. De TIKDB/ATIB
11. De Turkse Republiek, Turks-Koerdische emigratie en de Islam
12. Turks-Islamitische-synthese
13. De Turkse maffia, de Turkse staat en de MHP
14. Het moordapparaat van de Turkse contra-guerilla
15. Namen van organisaties
16. Bibliografie
Bijlage 1: Incidenten overzicht
Bijlage 2: Lidorganisaties van de Nederlandse en Belgische Turkse Federatie

pdf / rar - bestellen

9. De ontwikkeling van rechtse politieke organisaties en oriëntatie van Turkse migranten in de BRD
Ertekin Özcan

Print versie

Inleiding
In dit artikel zal de ontwikkeling van fascistisch-racistische organisaties van Turkse migranten in de BRD worden geschetst en geanalyseerd. Deze organisaties en groepen zijn: de MHP-afdeling buitenland (MHP-Yurtdisi Teskilati) en de Turkse Federatie (Federatie van Turks-Democratische Idealistenverenigingen in Europa - Avrupa Demokratik Ülkücü Türk Dernekleri Federasyonu - ADÜTDF).
Voordat de ontwikkeling en oriëntatie van de afzonderlijke rechtse verenigingen kunnen worden behandeld, wordt allereerst ingegaan op hun ontstaan en op hun actieve kernen in de BRD.
Het door de grondwet van 1961 geschapen relatief liberale politieke klimaat versnelde niet alleen de zelforganisatie van de democratische en linkse krachten in Turkije, maar ook van de vertegenwoordigers van de pan-Turkistische en pan-islamitische ideologieën. Zoals de ontwikkeling en uitbreiding van de linkse partijen en stromingen in Turkije de verenigingen en federaties van de Turkse migranten in de BRD en West-Berlijn beïnvloedden, zo werden ook door politieke ontwikkelingen in het rechtse spectrum de Turkse arbeidersverenigingen en een deel van de Turkse migranten beïnvloed. Daardoor ontwikkelden zich enkele Turkse arbeidersverenigingen tot traditioneel nationalistische en pan-Turkistische of religieuze verenigingen, terwijl tegelijkertijd een hele serie religieuze en nationalistische verenigingen werd opgericht.
De rechts-conservatieve Republikeinse Boeren Natie Partij (CKMP) vormde zich om tot een racistisch-fascistische partij onder het voorzitterschap van de voormalige kolonel Alparslan Türkes en nam de `Negen Lichten-doctrine' aan. (1)
Traditionele nationalisten en pan-Turkisten begonnen al in 1963 weer met het oprichten van hun organisaties in Turkije. (2) Op 14-07-1968 verklaarde de woordvoerder van de MHP, Rifat Baykal, dat de MHP para-militaire jeugdorganisaties had opgericht. Bovendien nam het aantal religieuze verenigingen in deze periode snel toe. (3)
Tot eind zestiger jaren waren bijna alle religieuze krachten (met uitzondering van de nationalistisch-islamitische krachten die georganiseerd waren in de MHP) vertegenwoordigd in de Adalet Partisi (Gerechtigheidspartij). Met de oprichting van de Nationale Orde Partij (MNP) hadden de gelovigen hun eigen partij. Na het verbod van de MNP door de militaire coupplegers van 12 maart 1971 lukte het de MNP-aanhangers om zich weer te organiseren binnen de Nationale Heilspartij (MSP).

9.1. Het ontstaan van een rechtse organisatiestructuur
De Turkse fascisten en religieuze, extremistische groepen buiten tot op heden de geïsoleerde, economisch en sociaal slechte situatie, en de nationalistische en religieuze sentimenten van de Turkse migranten uit. Zij zijn destijds op basis hiervan begonnen met het organiseren van een deel van hen.
De activiteiten, die de Turkse fascisten met name in de BRD en West-Berlijn ontplooiden, begonnen volgens de informatie van hoge MHP-leden al in het midden van de zestiger jaren. Maar de eerste aanzetten tot het vormen van fascistische Turkse organisaties werden pas aan het einde van de zestiger jaren waarneembaar. (4)
Als eerste Turks-islamitische organisatie werd de Vereniging van de Diensten van Islamitische Gemeenten (Islam Cemaat Hizmetleri Cemiyeti) bekend. Deze vereniging werd in 1967 in West-Berlijn door de leden van de islamitische Nurculuk-orde opgericht. (5) In 1970 doken in West-Berlijn pamfletten op die wezen op het bestaan van een organisatie van Turkse fascisten en extremistische, islamitische groepen. In februari verspreidde de Turkse Cultuur- en Solidariteitsvereniging een pamflet waarin onder meer werd gesteld: "dat de roep van de müezzin op een dag in Berlijn de horizon zal openbreken en tot in de zevende hemel zal opstijgen. De tweede bevrijdingsoorlog zal tegen een handvol communisten, vrijmetselaars, zionisten, volksvijanden en ongelovigen worden begonnen. Deze oorlog wordt gevoerd om opnieuw een Groot-Turkije te stichten. Dat is ons uiteindelijke doel. Honderdduizenden Turkse islamitische arbeiders en studenten zijn georganiseerd om deze strijd te voeren." (6)
Naar aanleiding van de Mohammed-hemelvaart werd de eerste gezamenlijk gecoördineerde actiegroep van Turkse fascistische en extreem-religieuze verenigingen in West-Berlijn opgericht, aldus hun pamflet van 27 september 1970. (7) Deze pamfletten tonen aan dat de religieuze, rechts-extremistische en racistische organisaties van de Turkse migranten al voor 1970 in West-Berlijn bestonden en in september 1970 hun eerste samenwerkingsverband hadden gesticht.
De tweede samenwerkingsvorm van deze groepen valt na de militaire coup van 12 maart 1971 waar te nemen. Terwijl de democratische en progressieve alsmede de op links georiënteerde organisaties in de BRD tegen deze militaire coup protesteerden, verwelkomden de conservatieve, religieuze en nationalistische organisaties van de Turkse migranten het memorandum van de generaals van 12 maart 1971 in Turkije. (8)
In verschillende steden van de Bondsrepubliek werden in deze jaren religieuze en racistisch-fascistische Turkse organisaties opgericht. Het is bewezen dat de islamitische Süleymanli-orde al in 1972 het Islamitische Cultuurcentrum in Münster had opgericht.
Zowel de racistisch-fascistische MHP als de extremistische, islamitische groepen begonnen zich dus midden jaren zestig te organiseren en hadden een gemeenschappelijk samenwerkingsverband gevormd tegen de democratische en linkse krachten in de BRD en Turkije. Door de deelname van de extreem-islamitische MSP en de racistisch-fascistische MHP aan de Nationalistische Frontregeringen (van 1975 tot 1978 en november 1979 tot 12 september 1980) onder de conservatieve minister-president Demirel, bouwden de beide extremistische partijen met de hulp van ministeries (onder andere ministerie van Binnenlandse Zaken, red.) hun partijorganisatie nog verder uit. De MSP en de MHP hebben hun organisaties in het buitenland uitgebouwd en hun activiteiten versterkt dankzij de ondersteuning van ambtenaren van het consulaat, sociale- en arbeidsattaché's, onderwijzers en mullah's, die door de regeringen van het Nationalistische Front in de BRD werden aangesteld.
De buitenlandse organisaties van de MHP en de MSP en de niet-georganiseerde conservatieve Turken in de BRD begonnen in 1975, vanaf het moment dat de Regering van het Nationalistische Front was geïnstalleerd, met het vormen van een samenwerkingsverband. Ze vormden het bondgenootschap Nationalistisch Front in Duitsland. Zij publiceerden gemeenschappelijk pamfletten en organiseerden manifestaties en demonstraties ter ondersteuning van de Regering van het Nationalistische Front in Turkije.

9.2. Fascistisch-racistische organisaties
De pan-Turkistische ideologie werd in drie fases verspreid onder de in Westeuropese staten levende Turkse migranten:

9.2.1. Opbouwfase van buitenlandse MHP-organisaties
Hoewel de buitenlandse vertegenwoordiging van de MHP officieel op 4 april 1973 werd opgericht, zijn er enkele aanwijzingen dat zij al in de jaren zestig is ontstaan. Een rondbrief van 29 november 1971 van de Secretaris-Generaal van de MHP, Mustafa Erikan, is daarvoor een indicatie: "Om onze organisatie uit te breiden, verwachten onze partijvrienden in Duitsland onze hulp. Om deze reden moeten alle lokale organisaties een lijst sturen aan de centrale van de organisatie met de namen en adressen van de zich in het buitenland bevindende partijvrienden. Deze adressen worden doorgegeven aan onze vertegenwoordigingen in Duitsland." (9)
Volgens informatie in het Verfassungsschutzbericht over het jaar 1972 van het ministerie van Binnenlandse Zaken is het aantal rechts-extremistische Turkse verenigingen in de Bondsrepubliek door de oprichting van de Turkse Gemeenschap (Türk Ocagi) toegenomen. Door de specifieke activiteiten van deze groepen trad de MHP in de BRD naar buiten. De MHP benutte het bezoek van haar voorzitter Türkes om nieuwe leden in de BRD te werven.
Ondanks het verbod in de Turkse wetgeving met betrekking tot politieke partijen vond op 9 april 1973 de officiële aanmelding plaats van de buitenlandse vertegenwoordiging van de MHP. De voorzitter van de MHP-buitenland, Necati Uygur, werd vanuit Ankara benoemd in het bestuur van de MHP om de in de Bondsrepubliek levende leden van de MHP te begeleiden. Hij kreeg vanuit Turkije elke twee maanden een nieuwsbrief met berichten over de partij, die hij doorgaf aan de leden. Hij verspreidde ook pamfletten en berichten, die hij op dezelfde manier kreeg.
In 1973 nam de propaganda van de buitenlandse organisaties van de MHP toe onder de Turkse migranten in de BRD. De woordvoerders van de buitenlandse vertegenwoordigingen van de MHP neigden, vanwege chauvinisme en religieus fanatisme, tot van haat doortrokken propaganda tegen de daar aanwezige vertegenwoordigers van Turks links. Tevens bedreven zij een racistische, anti-christelijke en anti-zionistische polemiek. Het Turkse volk werd tot "de waardigste stam van de wereld" bestempeld. De slogan was: "Wie haar schade toebrengt, moet worden vernietigd." In een vreemd milieu is het aan de racistisch-nationalistische verenigingen voorbehouden om "vestingen tegen het communisme, zionisme, christendom, ontucht en alcohol te zijn." (10)
Deze ophitsing vond zo nu en dan een vruchtbare bodem bij Turkse migranten. De MHP was de grootste Turkse vereniging in de BRD. Zij had in 1973 in minstens 30 steden van de Bondsrepubliek zusterafdelingen. Vanwege de "onzekere situatie van buitenlanders in Duitsland" moesten de ledenlijsten in opdracht van hun leider Türkes niet in de BRD worden bewaard, maar naar het hoofdkantoor van de partij in Ankara worden gezonden.
De Bondsrepubliek Duitsland werden in zes autonome partijdistricten opgedeeld. (11) Bovendien werden in België, Frankrijk, Nederland, Oostenrijk en Zwitserland vertegenwoordigingen opgericht. Ieder district viel onder de verantwoordelijkheid van een dagelijks bestuur. De districtsvoorzitter en diens plaatsvervanger leidden het bestuur. Voor de hele Bondsrepubliek was er één bestuur dat tegelijkertijd ook als dagelijks bestuur opereerde.
De militaire interventie van Turkije in Cyprus heeft het Turkse nationalisme doen opleven. De racistische en anti-christelijke propaganda onder de Turkse migranten nam toe. De MHP heeft het aantal leden in de loop van 1974 vrijwel verdubbeld. In ongeveer 40 Duitse steden ontstonden afdelingen van de MHP. Ze is in 1975 in de BRD begonnen met het oprichten van plaatselijke afdelingen van haar jeugdorganisatie Ülkü Ocagi (Idealistengemeenschap), haar symbool is de Grijze Wolf.

De tijdbom Cyprus

11-14 Augustus 1996, Turks-Cyprus. Enkele duizenden Grijze Wolven worden naar het al 22 jaar illegaal door Turkije bezette gedeelte van Cyprus gezonden na rellen tussen Griekse en Turkse demonstranten, waarbij aan Griekse kant twee doden vielen. De Grijze Wolven zullen gaan worden ingezet als demonstranten tegen protesten van Griekse en Europese motorrijders tegen de opdeling van het eiland. (Kurdistan Rundbrief 18/96)

Bij confrontaties langs de bestandslijn in Cyprus is onlangs het eerste slachtoffer aan Turkse zijde gevallen. Een andere militair raakte gewond. Twee extreem-rechtse Grieks-Cypriotische organisaties hebben de verantwoordelijkheid opgeëist. Familieleden van de omgekomen soldaat verklaarden echter dat de twee militairen zijn neergeschoten door Turkse soldaten. Volgens de familieleden was de reden dat de slachtoffers, beiden Koerden, zich negatief hadden uitgelaten over de Turkse politiek ten aanzien van de Koerden in Irak. (Turkije Infoservice nr. 4, oktober 1996)

Op Cyprus is een 1200 man sterke troepenmacht van de Verenigde Naties gestationeerd en deze weet de partijen aardig te scheiden en zodoende de orde enigszins te handhaven. Allerlei gemanouvreer met regels over het uithangen van de vlag, en vooral waar en wanneer dat mag, zorgen ervoor dat beide bevolkingsgroepen elkaar niet regelmatig in de haren vliegen. Maar het blijft pappen en nathouden, want de twee volken kunnen absoluut niet met elkaar opschieten. Ook de Cypriotische leiders, de Griekse en de Turkse, trekken vieze gezichten als ze het woord 'oplossing' in de mond nemen. Hun posities lijken vast te staan, in ieder geval hebben de meer dan zestig VN-resoluties over Cyprus de partijen geen millimeter dichter bij elkaar gebracht. De talloze Europese bemiddelaars dropen telkens zonder resultaat af. De sfeer waarin escalaties kunnen plaatsvinden is te gespannen, te tastbaar, er is gewoonweg geen enkele opening tot het sluiten van een compromis. Zeker niet de laatste maanden van 1996, waarin nog meer dodelijke slachtoffers vielen. In 1989 schoten de Turken zonder pardon een Griekse soldaat dood die in een gebaar van opperste minachting zijn broek had laten zakken. In augustus 1996 knuppelden ze een Griekse relschopper dood en schoten zij een paar dagen later diens neef, die de Turkse vlag uit de vlaggemast wilde neerhalen, ook dood. Niet veel later schoot de Turkse grenswacht opnieuw een Griek dood toen hij, verdwaald geraakt bij het slakken zoeken, de Groene Lijn passeerde. Gevallen voor de zaak van enosis (aansluiting) van het eiland bij Griekenland. Turkse Cyprioten geven steevast hun leven voor taksim (opdeling).
Het Ierse VN-politie-team is belast met het onderzoek naar de dood van de Griek, die op 11 augustus 1996 was doodgeknuppeld. Hij had meegedaan aan een optocht van motorrijders dwars door de Groene demarcatielijn. De Turkse politie had honderden jongeren, waaronder extreem-nationalistische Grijze Wolven in bussen naar de confrontatiezone gereden. Met knuppels en ijzeren staven stonden ze de demonstranten op te wachten. Na het neerschieten van de neef van het eerste dodelijke Griekse slachtoffer, die probeerde de Turkse vlag neer te halen, sprak de Turkse minister van Buitenlandse Zaken, Tansu Çiller de volgende woorden: "Wij zullen elke hand, die naar de Turkse vlag reikt, afhakken."

Tot eind 1975 bevond de hoofdvestiging van de buitenlandse vertegenwoordiging van de MHP zich in Ludwigshaven. Begin 1975 bezocht Türkes de BRD om onder andere deel te nemen aan het vierde algemene congres van zijn partij in Ludwigshafen. Hij sprak voor 2000 afgevaardigden en aanhangers als plaatsvervangend minister-president van Turkije. Hij zei: "Ik begroet mijn dappere en in het buitenland levende kameraden en de vertegenwoordigers van onze partij, die allen in zo grote getale zijn verschenen op het vierde algemene congres van onze partij." "De marxisten van de Keulse radio (bedoeld wordt de Turkse redactie van de WDR) beginnen al te sidderen. Men vraagt aan mij waarom Alparslan Türkes...naar Duitsland is gekomen...Ik zal zowel Duitsland als ieder ander land bezoeken. Want wij nationalisten staan altijd en in iedere situatie vooraan." (12)
In Keulen vond aan het einde van 1975 een twee dagen durend MHP-Europa-congres plaats. (13) Het congres besloot tot een werkplan, waarin de volgende punten van de MHP-strategie duidelijk werden:

De oprichting van de MHP-jeugdorganisatie (Ülkücü Gençlik: Idealistische Jeugd) in het Bondsgebied maakte het voor haar aanhangers mogelijk om openlijker op te treden. De eerste meldingen van gewelddadigheden, bedreigingen enz. begaan door Grijze Wolven kwamen binnen. In 1976 werd er in de media in de BRD melding gemaakt van illegale activiteiten van Grijze Wolven. De DGB en de democratische Turkse arbeidersverenigingen brachten documentatiemateriaal naar voren. Ze eisten het verbod van de buitenlandse vertegenwoordiging van de MHP. Deze eisen werden ook ondersteund door veel verzoeken van parlementariërs uit de Bundestag en verscheidene Landtage in de BRD.
Ook in Turkije werden er vragen gericht aan de regering van het `Nationalistische Front', onder Minister-President Süleyman Demirel, of er juridische stappen tegen de MHP moesten worden ondernomen. Tegelijkertijd stelde het Openbaar Ministerie van Turkije om twee redenen een gerechtelijk vooronderzoek in tegen de MHP:
- de volgens de Turkse wetgeving voor politieke partijen verboden oprichting van de buitenlandse vertegenwoordigingen van de MHP en
- de op een partij-bijeenkomst van de MHP gehouden rede van Alparslan Türkes: "De mij gegeven opdracht draag ik in mijn schoot. Ik zal onbekommerd mijn weg vervolgen. Volg mij...Als ik omkeer, schiet mij dan neer...Schiet ook degenen neer die van mijn weg afwijken." (15) Ten gevolge van dit onderzoek verbood het Turkse Constitutionele Hof in haar vonnis van 28 juni 1976 de MHP om in de BRD en andere Europese staten vertegenwoordigingen of buitenlandse organisaties op te richten. Na dit vonnis werden de buitenlandse vertegenwoordigingen van de MHP op 28 juli 1976 officieel opgeheven. Maar in werkelijkheid werden de bestaande buitenlandse vertegenwoordigingen van de MHP veranderd in mantelorganisaties. Dit gebeurde onder leiding van Enver Altayli, onder de namen Cultuur-, Idealisten-, Bijstandsvereniging, Nationalistische Vereniging, Islamitische Vereniging en Turkse Gemeenschap.

9.2.2. Mantelorganisaties van de MHP in het buitenland (1976-1978)
Een half jaar na de officiële ontbinding probeerde de MHP opnieuw in de openbaarheid te treden. Zo riep in januari 1977 Osman Nuri Kurt, een MHP-lid uit West-Berlijn, op tot het oprichten van een grote rechtse federatie in Europa.
Het ambtsbericht van de minister van Binnenlandse Zaken van 1977 zegt hierover: "Zoals in de afgelopen jaren waren bij de ongeregeldheden waarbij sprake was van geweld voornamelijk links-extremistische en nationalistische Turken betrokken. Leden en aanhangers van de MHP in de BRD zijn...sinds zomer 1977 politiek actief in Turkse 'Idealistenverenigingen' en 'Islamitische Cultuurcentra'. Vanwege hun nationalistische agitatie kwam het in 1977 tot heftige conflicten met links-extremisten, die ten dele tot gewelddadigheden leidden."
In een brief van Alparslan Türkes van 28-07-1977 aan het uitvoerend comité van de partij, spreekt hij zijn dank uit voor de hulp vanuit Duitsland aan de verkiezingsstrijd. Tevens wordt in deze brief duidelijk dat hij èn de buitenlandse vertegenwoordiging van de MHP de intensieve hulp bij de politieke agitatie van de organisatie als zeer belangrijk beschouwen voor de positieve ontwikkeling van de partij in Turkije. Bovendien riep hij op om hierbij de ervaringen van de NPD te benutten. Om niet de aandacht van de plaatselijke autoriteiten op zich te vestigen, wees hij erop dat er een effectieve coördinatie moet worden geschapen met betrekking tot de samenwerking met zusterorganisaties. (16) De partij-activiteiten moeten zo worden bedreven dat ze in overeenstemming zijn met het verenigingsrecht in de BRD.
Necati Uygur bevestigde in 1978 een vraag van de WDR of er mantelorganisaties waren: "Ja, die zijn er al. In Ulm, Stuttgart, Essen, Köln, Duisburg, Düsseldorf, Berlijn, Aken en overal. Ik ben de coördinator van deze organisaties." (17)

9.2.3. De oprichting van de Turkse Federatie
Na de regeringswisseling in Turkije begin 1978 voerde de MHP haar inspanningen op om leden en aanhangers van de onder haar invloed staande verenigingen in de BRD en andere Europese landen te binden aan de partijlijn. Honderden gewelddadige rechts-extremisten vluchtten naar de Bondsrepubliek en naar andere Europese steden, omdat zij lid waren van de jeugd- respectievelijke partij-organisatie van de MHP, de Grijze Wolven, de Commando's en de Idealisten èn gezocht werden door de regering Ecevit vanwege hun gewelddaden. Deze rechts-extremisten vroegen in Europese landen politiek asiel aan. Deze gezochte militanten van de MHP hielpen bij de opbouw van de organisatiestructuur van de MHP in de BRD en andere Europese staten.
Aan de andere kant hielp de MHP dit streven vooruit door het demonstratieve optreden van hun voorzitter Alparslan Türkes en andere leidinggevende partijleden op gesloten en openbare bijeenkomsten in de BRD in de periode van 27 april tot 4 mei en op 28/29 oktober 1979. Op 3 mei 1978 ontmoette Türkes in het kader van zijn bezoek aan Duitsland de voorzitter van de CSU, Franz Josef Strauss. "Alparslan Türkes en zijn beide begeleiders spraken, zo was later te vernemen, met F.J. Strauss allereerst over het communistische gevaar, dat men gemeenschappelijk moest bestrijden." (18) Drie dagen later zei Türkes in het openbaar in de Donau-Halle: "De strijd tegen het communisme moet ook op het grondgebied van de BRD worden gevoerd." (19)
Hetzelfde doel had de oprichting van een overkoepelende organisatie voor verenigingen die een nauwe relatie met de MHP hebben. Op 17 en 18 juni 1978 werd met 64 nationalistisch-racistische verenigingen uit de BRD, Oostenrijk, Nederland, Frankrijk en België in Frankfurt de Federatie van Turkse Democratische Idealistenverenigingen in Europa (ADÜTDF) opgericht. (20) Vanaf de oprichting van ADÜTDF versterkten de aanhangers van de MHP hun politieke propaganda. Deze propaganda kenmerkte zich voornamelijk door een militant anti-communisme en een vernieuwing van de islam. Zij keerde zich tegen de regering-Ecevit alsook tegen de economische, sociale en politieke verhoudingen in Turkije.
De ADÜTDF oefende weliswaar invloed op haar leden uit om connecties met de MHP niet op provocerende wijze bekend te maken en niet de confrontatie te zoeken met Turks links. Toch heeft de politie bij huiszoekingen van woningen van nationalistische Turken slag- en steekwapens gevonden. De rechts-extremistische ADÜTDF kon haar ledental in 1979 aanzienlijk verhogen, omdat de aanhangers van de MHP in de Turkse Idealistenverenigingen hun propaganda voor geweld versterkten.

De ontwikkeling van de Turkse Federatie
Op 4 februari 1979 vond in Schwarzenborn het jaarlijkse congres van de ADÜTDF plaats, waaraan 108 idealistische Turkse verenigingen deelnamen. Op dit tijdstip had de ADÜTDF, volgens een bericht in de Turkse krant Hürriyet, 33.000 leden. Op het congres werd Musa Serdar Çelebi, tegen wie in Turkije een arrestatiebevel was uitgevaardigd, tot voorzitter gekozen. Musa Serdar Çelebi was tot 1982 voorzitter van de ADÜTDF. In het voorjaar van 1981 werd hij vanwege verdenking van betrokkenheid bij de aanslag op de paus door Mehmet Ali Agca gearresteerd en later aan Italië uitgeleverd. (21) Tot zijn opvolger werd Ali Batman gekozen, die samen met Çelebi naar de BRD kwam. Batman oefende tot 1987 deze functie uit.

Het zelfbeeld van de Turkse Federatie
De Turkse Federatie noemt zichzelf de grootste studenten- en arbeidersorganisatie, die zich hard maakt voor een liberale-democratische orde en voor de rechten van alle mensen.
Ze geeft toe een "conservatieve organisatie" te zijn, die vecht tegen "communisme, fascisme en iedere totalitaire staat, van welke snit dan ook."
Als reden voor haar oprichting geeft de Türk-Föderation aan, het leven van de in West-Europa levende Turkse werknemers en hun families te willen verlichten en hun eisen door te willen zetten. Ze stelt zich ten doel om een gevoel van solidariteit onder de landgenoten te creëren; voorstellen ter oplossing van problemen door te geven aan de Duitse en Turkse regering; seminars, congressen en openbare bijeenkomsten te houden, opdat zij in contact kunnen komen met Duitse mensen. Opdat de Turkse kinderen hun cultuur ook in de toekomst kunnen behouden, moeten kinderboeken, tijdschriften en cassettebandjes in de Turkse taal worden uitgegeven.
Om in de religieuze behoeften van de Turken te voorzien, moeten er moskeeën en gebedsruimten worden geopend. Ze zet zich ook in voor de erkenning van de Islam. Daarnaast wil de ADÜDTF informatie, kranten en tijdschriften in de Turkse en Duitse taal uitgeven, om zo de problemen van hun landgenoten onder de aandacht van de Duitse bevolking te brengen. Tevens moeten er culturele avonden, taalcursussen alsmede sportwedstrijden worden georganiseerd. Uiteindelijk wil zij binnen het geldende recht vastberaden optreden tegen "afbrekende, verdelende en schadelijke" stromingen.

Ideologie en activiteiten van de Turkse Federatie
Hoewel de boven genoemde doelstellingen in de statuten van de Turkse Federatie staan en de federatie zichzelf omschrijft als een 'conservatieve' organisatie, staan de Idealistenverenigingen en de Grijze Wolven, zowel in Turkije alsook in de BRD, bekend als gewelddadig. Hun racistisch-fascistische ideologie, hun terreurdaden en gewelddadige activiteiten onderscheiden zich volledig van die van conservatieve partijen en organisaties. De onderstaande uitspraak van iemand die uit de MHP is gestapt, maakt duidelijk met welke methoden zij hun politieke werk en activiteiten ten uitvoer brengen.
Een afhaker uit de fascistisch-racistisch MHP deelde in Metall nr. 12 van juni 1981 het volgende mee over de werkwijze van de Idealisten- en Culturele verenigingen, die bij de ADÜTDF zijn aangesloten: "Om beter te kunnen werken, waren er bij de Culturele Verenigingen twee verschillende statuten. Een officiële, die voor de rechtbanken en de openbaarheid was bedoeld, en een geheim statuut. Het laatste statuut kwam direct uit Turkije van de partij van de ex-kolonel Alparslan Türkes, dit werd doorgezonden aan ADÜTDF, die de statuten uiteindelijk overdroeg aan de Culturele Verenigingen."
"Tegelijkertijd waren er ook twee verschillende ledenlijsten. Op de ene lijst stonden alle leden van de Culturele Vereniging, op de andere alleen de betrouwbare, MHP-leden. Het ging daarbij om het politieke kader: de belangrijkste figuren dragen allen een wapen."

Türkes in Dortmund, 1978
  turkes in dortmund  
De leider van de MHP, Alparslan Türkes, sprak op 28 oktober 1978 op een culturele bijeenkomst in de Dortmundse Westfalenhalle voor 12.000 Turkse migranten: "We zijn de Grijze Wolven."
Hij beschreef de toenmalige sociaal-democratische Minister-President Bülent Ecevit, onder bijval van de toehoorders, als een "marionet van de communisten en lilliputters, die moet worden uitgeroeid". "In Turkije hebben de heimelijk bij ons geïnfiltreerde dienaren van de uitbuiters en Moskouse honden, communisten en intriganten, die ons volk tot slavernij brengen, geen recht op leven." (22)
De politieke uitspraken van de leider Türkes werden door de Grijze Wolven in de BRD en door haar overkoepelende organisatie ADÜTDF door middel van geweld in de praktijk gebracht. Er werd door hen druk en terreur uitgeoefend tegen andersdenkende landgenoten (met name tegen leden van de vakbonden).
Talloze Turkse migranten werden in Keulen, Bremen, Hamburg, Duisburg en Stuttgart door rechts-extremistische aanhangers van de MHP het ziekenhuis ingeslagen. (ibidem)
Bij een overval op een Turkse sociaalwerker in Göppingen kon de Duitse politie "niet uitsluiten, dat de daders dicht bij de MHP staan."
In Frankfurt am Main werden vier Turkse sociaal-democraten door leden van de fascistisch-racistische ADÜTDF neergestoken en zwaar verwond, omdat ze geen rechts-radicale pamfletten hadden willen aannemen. In Aken werd een activist van de aan Albanië gelieerde federatie ATIF door Grijze Wolven met twintig messteken afgeslacht.

Aanval van Grijze wolven en MSP-aanhangers tegen linkse Turken in Berlijn, Kottbusser Damm, 4 mei 1979
  kottbusser damm  
Op 5 januari 1980 sloegen en staken in West-Berlijn ongeveer zeventig rechts-radicale Turken met ijzeren staven, kettingen en messen in op twintig leden van het Turkse Centrum en de Democratische Arbeidersvereniging van Turkije, die voor de Kottbusser Tor pamfletten aan het uitdelen waren. Ten gevolge van een messteek stierf de onderwijzer Celalettin Kesim, en verder raakten dertien mensen zwaar gewond. Er konden slechts vier van de rechtse Turken worden gearresteerd.
De moordaanslag op de paus in 1981 heeft een MHP-achtergrond. De aanslag werd uitgevoerd door een vooraanstaande persoon binnen het Turkse rechts-extremisme. De dader, Mehmet Ali Agca, was lid van de jeugdorganisatie van de MHP in Turkije. Hij was al voor de moord op de journalist Abdi Ipekçi ter dood veroordeeld. Met hulp van Grijze Wolven vluchtte hij uit de gevangenis en kwam hij in de BRD. In de BRD was hij met wat 'kameraden' betrokken bij enkele bloedige gewelddadigheden. De voorzitter Musa Serdar Çelebi, enkele bestuursleden van de Turkse Federatie en enkele leden van Idealistenverenigingen werden, in Frankfurt, Italië, Zwitserland en andere Westeuropese landen, gearresteerd op verdenking van samenwerking met Agca en wapen- en drugshandel.
Andreas von Schoeler, staatssecretaris van Binnenlandse Zaken, verklaarde eind 1979 dat in de BRD de "Culturele en Idealistenverenigingen een vergaarbak zijn van de Turkse rechtse radicalen." (ibidem) Rudolf Müller sloot zich in Stern bij Von Schoeler's mening aan: de Turkse rechtse radicalen zijn in de BRD "minstens vier keer sterker dan de ultra-linkse Turken, die weliswaar verdeeld zijn, maar niet minder militant optreden."

De financiering van de Turkse Federatie
De verenigingen financieren zich door middel van contributie van leden en giften. Hiertoe wordt door hen steeds weer opgeroepen. Gün Sazak, de plaatsvervanger van MHP-leider Türkes deed dit in oktober 1978 in Dortmund in de volgende bewoordingen: "4000 Grijze Wolven zitten in Turkije in de gevangenis, 500 zijn er voor onze zaak gevallen, allen zullen we met ons bloed wreken. Alstublieft, geef van harte en zoveel als jullie kunnen. Zo'n gift is net zo heilig als de kogel, die het hoofd van een communist raakt." (ibidem)
Met elke aanhanger die ze in de BRD winnen, wordt ook de financiële basis van de Turkse fascisten versterkt. De Turkse migranten zijn voor de MçP, na het verbod van de MHP, vooral als geldbron zeer belangrijk.
Hoe goed Turkse fascisten financieel zijn voorzien, ervoeren politie-beambten toen zij na een aanslag van MHP-sympathisanten het hoofdkantoor van de ADÜTDF in Frankfurt doorzochten. "Er waren niet alleen kruimelbedragen in de financiële administratie geboekt", maar ook "bijdragen die opliepen tot honderdduizenden marken", zoals een opsporingsbeambte "zeer verwonderd" vaststelde. (23)
Waar het grote geld vandaan komt, weten in ieder geval insiders zoals Ali Yurtaslan. Hij is een afgehaakt bestuurslid van de jongeren-organisatie van de MHP. Aan hem werd officieel meegedeeld dat er "jaarlijks van de Duitse MHP-afdeling 20 tot 50 miljoen Turkse Lira naar Turkije werd overgemaakt." (ibidem) Volgens de verklaring van Yurtaslan bedreef de MHP via de ADÜTDF in de BRD op grootschalige wijze drugs- en wapenhandel. Deze verklaring werd door de directeur van de Afdeling Misdaad van het BKA, Erich Strass bevestigd: "We hebben de laatste tijd steeds weer aanwijzingen gekregen, dat ook rechts-extremistische Turken achter de heroïnehandel zitten." (24)
Op 12 juni 1979 werd op bevel van het Openbaar Ministerie in West-Berlijn de Turk Ismail Çakir, die de Grote Idealistenvereniging (Büyük Ülkü Dernegi) ondersteunde, gearresteerd vanwege handel in heroïne. Hij werd tot 15 jaar gevangenisstraf veroordeeld. De MHP-parlementariër Kudret Bayhan werd in een auto bij Marseille gepakt door opsporingsbeambten met 146 kilo ruwe opium. Bayhan was in bezit van een diplomatiek paspoort.
Naast de internationale contacten met de heroïnehandel zijn er met name connecties tussen Türkes-aanhangers en islamitische fundamentalisten. Het islamitische kamp onder de Turken was en is als invloedssfeer voor rechts-extremistische krachten zeer geschikt. In de pamfletten van de Grijze Wolven en de ADÜTDF zijn veelvuldig islamitische leuzen te vinden. Zeer vaak proberen de idealisten en haar federatie de organisaties van hun geloofsgenoten te infiltreren.

Stellingname m.b.t. het migranten- en onderwijsbeleid
De Turkse Federatie maakt zich er sterk voor dat "de Turkse en Duitse volksgemeenschap in goede harmonie kan samenleven, onder de aanvaarding van hun wederzijdse culturen en in onderling begrip." Ze is tegen "elk streven dat assimilatie vereist, hoewel men in alle officiële verklaringen het woord 'integratie' gebruikt."
Ze eist de opening van Turkse scholen en peuterscholen en de onbeperkte toelating tot de universiteit voor jongeren, die hun eindexamen in Turkije hebben gedaan. Ze zijn er voorstander van dat het Turks erkend wordt als eerste vreemde taal voor Turkse kinderen, opdat de Turkse kinderen vertrouwd kunnen worden gemaakt met het vaderland.
Verder eist de Turkse Federatie dat het godsdienstonderwijs moet worden opgenomen in de wetgeving en moet worden geaccepteerd als verplicht vak. Het onderwijs moet worden gegeven door onderwijzers die een religieuze opleiding hebben gehad. Deze onderwijzers moeten onder toezicht staan van de Turkse autoriteiten. Als lesmateriaal moet materiaal worden gebruikt van het Presidium voor Godsdienstzaken van de Turkse Republiek.
De bovengenoemde meningen laten zien dat de Turkse Federatie niet voor een inter-culturele uitwisseling is, maar dat deze stellingnames juist leiden tot ghettovorming onder de Turkse migranten.

De houding van de Turkse Federatie t.a.v. de vakbonden
De ADÜTDF is tegen elke sociale vooruitgang. Ze voert een hetze tegen de DGB en haar vakbonden. Er worden handtekeningenacties gehouden om buitenlandse, met name Turkse collega's, te dwingen uit de DGB te stappen. Bijeenkomsten bij bedrijven worden verstoord. Vertegenwoordigers van de DGB worden in de uitvoer van hun werk gedwarsboomd en bedreigd. Omdat veel mensen bang zijn, is het zeer moeilijk om informatie van de vakbond en tijdschriften te verspreiden. 's Nachts wordt de inboedel van woningen van buitenlandse vaksbondsleden beschadigd en soms zelfs volkomen vernield. In woningen werden zelfs knokploegen ingezet tegen actieve, in het bijzonder Turkse, vakbondsleden.
Het doel van de hetzes is het bevorderen van de vervreemding van de Turkse werknemers ten aanzien van de vakbond, het creëren van racisme en het vervolgens winnen van de geïsoleerd geraakte Turken voor de racistisch-fascistische ideologie. (25)

Diensten verleend door de Turkse Federatie
De ADÜTDF-verenigingen en hun Grijze Wolven lokken hun landgenoten in de BRD iedere week met talloze folklore-bijeenkomsten naar zich toe. Ze houden zich bezig met rechtshulp voor leden die met de wet in conflict zijn gekomen. Jongeren worden gelokt met gratis karate-, judo- en schaakcursussen. Grijze Wolven bieden net als andere extreem-religieuze groeperingen koranstudie aan voor kinderen tussen de 3 en 12 jaar. Bovendien hebben de idealisten in de BRD aan de ene kant eigen moskeeën, maar aan de andere kant gebruiken ze ook moskeeën van de Islamistische Culturele Centra als gebedsruimte en plaats voor propaganda voor de racistisch-fascistische ideologie van de MHP. Ze gebruiken deze moskeeën ook als ruimte voor hun koranstudie en judo- en karatecursussen.

Publikaties van de Turkse Federatie
De ADÜTDF beschikt over diverse publikatiekanalen, waarmee hun ideologie, hun activiteiten, gewelddaden, terreuracties, leugens en laster tegen democraten en linkse krachten worden verspreid onder de Turkse migranten in West-Europa. Ze heeft een maandblad, dat de naam Vatana Hasret (Verlangen naar het Vaderland) draagt. Sinds 1981 geeft ze het maandblad Yeni Hedef (Nieuw Doel) uit. Volgens de Turkse Pressespiegel nr. 11/84 van 5 juni 1984 geeft ze een tijdschrift uit met als naam Anayurt (Moederland). Afgezien daarvan publiceerde ze het elke veertien dagen verschijnende tijdschrift Anadolu, uitgegeven door de Islamitische Culturele Centra, dat naast uitspraken van imams ook nieuws van de ADÜTDF en van de bij haar aangesloten organisaties bevat. Tenslotte geeft ze ook nog een duitstalig blad uit. Dit tijdschrift heet Türk-Föderation. De inhoud van deze bladen bevat ten dele nieuws afkomstig uit Turkije, ten dele bevat ze informatie over de BRD. (26)
Hoewel de MHP en haar jeugdorganisatie de Grijze Wolven door hun gewelddadige activiteiten voor 12 september 1980 Turkije in een toestand brachten die aan een burgeroorlog deed denken, werden voor deze situatie in hun berichten en artikelen uitsluitend de linkse groepen verantwoordelijk gesteld. Türkes wordt in de stukken beschreven als een nauwe bondgenoot van West-Europa en de VS. De beweringen dat "hij een fanatieke anti-sovjet en Hitler-vereerder" is, worden gepresenteerd als lastercampagnes van de Sovjet-Unie en links.
In de artikelen waarin de BRD het onderwerp is, worden ten dele sociale problemen van Turkse migranten en hun families behandeld, en ten dele worden er politieke standpunten besproken over Turkije vanuit het buitenland. Thema's zijn problemen zoals xenofobie, woningnood en de visumplicht voor Turken. Deze sociale en migrantenproblematiek worden echter alleen maar aangestipt. Er worden oproepen aan de regering geformuleerd, maar er wordt niet ingegaan op hoe Turkse migranten kunnen opkomen voor hun belangen. Het blijft alleen maar bij de benoeming en opsomming van de sociale en politieke kwesties met betrekking tot buitenlanders.

Het samenwerkingsbeleid van de Turkse Federatie
Veel bewijzen staven een vermoeden van een samenwerking van de idealisten respectievelijk de Grijze Wolven met de NPD. De contacten worden echter niet als van belang beschouwd, omdat de NPD buiten het Duitse establishment bleef. Maar de werkwijze van de NPD was zeer belangrijk voor de MHP. Daarom schreef Türkes aan het uitvoerend bestuur van zijn partij in de BRD: "Om de beoogde doelen te bereiken, is het absoluut noodzakelijk om het samenwerkingsverband van onze partij met de NPD alsmede de ervaringen van de NPD te benutten. De door de centrale leiding van de MHP gestuurde richtlijnen, die hierop betrekking hebben, moeten worden opgevolgd." (27)
Belangrijker zijn de contacten met de rechtervleugel van de CDU en de CSU. Dr. Kannapin, een CDU-politicus uit Hessen, had een fictief Türkei-Institut in Treysa/Hessen waar veel MHP'ers werden aangesteld. Op deze manier konden zij een verblijfsvergunning voor de BRD krijgen. Verder was hij behulpzaam bij het opbouwen van contacten met de Verfassungsschutz.
De Idealistenverenigingen, de Grijze Wolven, de fascistische federatie en de MHP hebben goede betrekkingen met een aantal CDU- en CSU-politici. (28) Volgens het vakbondsblad Metall van 6 september 1978 ontving Franz Josef Strauss op 1 mei 1978 de MHP-leider Türkes om van gedachten te wisselen. Zij bleken beiden voorstander van het terugdringen van de invloed van de vakbonden en het socialisme. Tijdens het onderhoud zei de CSU-voorzitter Strauss toe dat hij in de BRD een "gunstig psychologisch klimaat" zal pogen te creëren voor de MHP en haar organisaties in het buitenland.
De Grijze Wolven en idealisten worden ook ondersteund door de Christelijke Metaalbewerkers Vakbond. Honderd Grijze Wolven werden in 1979 lid van deze intrigerende federatie.

Het ledental van de Turkse Federatie
Over de ontwikkeling van het ledental van de federatie bestaan verschillende schattingen. Men kan er van uitgaan dat de ADÜTDF vanaf haar oprichting tot het einde van de zeventiger jaren een explosieve groei van haar ledental doormaakte. Er waren namelijk veel factoren die ertoe bijdroegen dat gedurende de periode 1975-1980 de Grijze Wolven en idealisten in staat waren om hun ledental te verhogen. De hoofdoorzaak was dat de vanuit Turkije (ter ondersteuning naar de BRD gestuurd) geselecteerde consulaatmedewerkers, onderwijzers en geestelijken, militanten van de MHP waren. Ze hebben geholpen bij de oprichting en het verder opbouwen van de rechts-extremistische organisaties en moskeeën en van sommigen hebben zij de leiding in handen gehad.
Ten tweede kwam er in de BRD een tweede golf van MHP-militanten na de installatie van de regering-Ecevit. Er kwamen honderden Grijze Wolven naar de BRD die politiek asiel aanvroegen. Zij werden in Turkije gezocht vanwege geweldsmisdrijven, terreuracties en moorden. Zij hebben er voor gezorgd dat de ADÜTDF nog meer leden en sympathisanten voor zich kon winnen.
Ten derde bezochten Türkes, zijn plaatsvervanger en ook enkele MHP-parlementariërs de BRD. Zij hielden manifestaties en bijeenkomsten, met ondersteuning van CSU- en CDU-politici.
Ten vierde werd de eenzaamheid, het nationale bewustzijn en de religieuze behoeften van Turkse migranten benut door zowel racistisch-fascistische als fundamentalistische, religieuze organisaties. De culturele en folkloristische avonden, moskeeën, gebedsruimten en koranstudie dienden voor ledenwerving.
Sinds 1981 valt er een daling waar te nemen van het ledental van de Turkse Federatie. Volgens het Bundesverfassungsschutzbericht raakte de federatie een aanzienlijk aantal leden kwijt. Hun totale sterkte werd in 1983 op circa 15.000 en in 1982 op circa 18.000 leden geschat. Hoewel hun openbare activiteiten gering waren, hielden ze desondanks regelmatig folkloristische - en culturele avonden. "Aanwijzingen, afkomstig uit gerechtelijke vooronderzoeken naar Turkse burgers, die nog opheldering behoeven, wijzen op contacten tussen in Turkije gezochte geweldplegers en de leiding van de ADÜTDF." (29)
Op het zesde, jaarlijkse plaatsvindende, congres van de ADÜTDF op 21-04-84 in Wiesbaden scandeerden de deelnemers de leuzen "Leider Türkes" en "Vrijheid voor Türkes". Ze deden dit ten gunste van de op dat moment in Turkije vastzittende MHP-voorzitter Türkes. Volgens nieuwe inschattingen neemt het aantal leden verder af, omdat veel aanhangers van de MHP sinds de invoering van de wetgeving met betrekking tot remigratie zijn teruggekeerd naar Turkije.
De arrestatie van de voorzitter en andere bestuursleden wegens de aanslag op de paus en de betrokkenheid van de organisatie bij de heroïne- en wapenhandel kan men als andere redenen voor deze teruggang beschouwen. De politieke verhoudingen na 12 september 1980 beïnvloedden ook de organisaties van de MHP in het buitenland, omdat er geen politici van de toenmalige MHP meer in de BRD mochten komen.

Noten:
  1. Dokuz Isik Doktrini.
  2. In 1963 waren er negen Verenigingen ter bestrijding van het communisme. Het aantal steeg in 1965 tot 61 en in 1971 tot 141.
  3. In 1960 waren er in Turkije 4821 verenigingen die de oprichting van nieuwe moskeeën ten doel hadden, en 283 verenigingen die religieus waren. Het aantal moskee-verenigingen steeg in 1966 tot 7259 en in 1968 tot 8419, terwijl het aantal religieuze verenigingen in 1966 tot 1328 en in 1968 tot 2311 was gestegen.
  4. Ze organiseerden zich in de zogenaamde Culturele Verenigingen (Kültür Dernekleri), Turkse Gemeenschappen (Türk Ocaklari), Turkse Centra (Türk Merkezleri), Idealistenverenigingen (Ülkücü Dernekleri) enz.
  5. Deze organisatie veranderde haar naam later in Onafhankelijke Islamitische Gemeentedienst.
  6. Turkse Cultuur- en Solidariteitsvereniging - Kültür ve Yardimlasma Dernegi. Bron: Berliner Extra-Dienst, 11 april 1981; Thomä-Venske, H., 'Islam und Integration', 1981; Initiativkomitee gegen türkische Faschisten (red.), 'Stoppt die Grauen Wölfen, Deutsche und Ausländer gemeinsam gegen Faschismus - Dokumentation des Terrors der Grauen Wölfen in Westberlin', 1982.
  7. In deze actiegroep waren de Turkse Cultuur- en Solidariteitsvereniging (Türk Kültür ve Yardimlasma Dernegi), de Turkse Gemeenschap in Berlijn (Türk Birligi Berlin), de Vereniging van de Koranstudie (Kurani Kerim Kursu) en de Vereniging van de Diensten van Islamitische Gemeentes (Islam Cemaat Hizmetleri Cemiyet) vertegenwoordigd.
  8. Zo vond bijvoorbeeld op 12 september 1971, na de oproep van het Berlijnse Front van Vrije Turkse Nationalisten- en Heiligdommenvereniging (Hür Türk Milliyetçi ve Mukaddesatçilar Birligi Berlin Cephesi) een demonstratie plaats op de Mehringplatz ter ondersteuning van de militaire regering. (pamflet van het Berlijnse front)
  9. Türkiye Halkçi Devrimci Federasyonu - Avrupa (HDF), 'Verbot der faschistischen Terrororganisationen', Deel 2, 1982.
  10. Hamle, publikatie van de Turkse Cultuur- en Solidariteitsvereniging Berlijn, nr. 20, september 1973.
  11. Hessen, Bayern, Niedersachsen, Bremen, Baden-Württemberg, Nordrhein-Westfalen en West-Berlijn.
  12. Evangelischer Pressedienst, 'Neu auf der Polit-Bühne: Türkische Extremisten mit religiösen Anstrich', 6 september 1976.
  13. Aan dit congres namen MHP-leden deel uit de BRD, Frankrijk, Nederland, Oostenrijk en Zwitserland.
  14. Met de zusterorganisaties worden de onder de volgende namen bestaande organisaties bedoeld: cultuur-, idealisten-, bijstandsvereniging, nationalistische vereniging, islamitische vereniging en moskeevereniging.
  15. Koordinationsgruppe Türkei (red.), 'Türkische Rechtsextremisten in der Türkei und in Europa', Amnesty International, 1979; Der Spiegel nr. 37, 1980.
  16. Voorbeelden van zusterorganisaties zijn de Grijze Wolf Atatürk (Bozkurt Atatürk), Turkse Vereniging (Türk Dernegi), Nationalistische Turkse Arbeidersvereniging (Milliyetçi Türk Isçi Dernegi) en Idealistenvereniging (Ülkü Ocagi).
  17. Initiativkomitee gegen türkische Faschisten (red.), 'Stoppt die Grauen Wölfen, Deutsche und Ausländer gemeinsam gegen Faschismus - Dokumentation des Terrors der Grauen Wölfen in Westberlin', 1982.
  18. Metall, nummer 18/1978; ÖTV, Dialoog, december 1978.
  19. Koordinationsgruppe Türkei (red.), 'Türkische Rechtsextremisten in der Türkei und in Europa', Amnesty International, 1979; Der Spiegel nr. 37, 1980.
  20. Lokman Kondakçi werd tot voorzitter gekozen, terwijl Ramazan Öz tot secretaris, Irfan Belekoglu en Selahattin Bosnak tot plaatsvervangend secretaris en Kütük Inci tot penningmeester werden gekozen.
  21. Naast Agca werden tevens enige bestuursleden van de ADÜTDF, onder andere Hasan Taskin, Ömer Ay, Oral Çelik, Mehmet Sener, Bekir Çelenk, gearresteerd.
  22. Müller, Stern, 19 december 1979.
  23. Der Spiegel, nummer 37, 1980.
  24. Stern, 15 oktober 1979.
  25. Roth, Jürgen, Kamil Taylan, 'Die Türkei, Republik unter Wölfen', Lamuv Verlag, 1981.
  26. Volgens het Verfassungschutzbericht van de Duitse deelstaat Nordrhein-Westfalen van 1995 beschikt de ADÜTDF momenteel over geen enkele eigen publicatie meer, red.
  27. Arbeitskampf, 2 april 1979; Initiativkomitee gegen türkische Faschisten (red.), 'Stoppt die Grauen Wölfen, Deutsche und Ausländer gemeinsam gegen Faschismus - Dokumentation des Terrors der Grauen Wölfen in Westberlin', 1982.
  28. Het ging onder andere om de volgende politici: Tandler (CSU), Eckhard Lindemann, burgemeester van Berlin-Charlottenburg (CDU) en Wolfgang Krüger (burgemeester van Kreuzberg).
  29. Verfassungsschutzbericht 1983.

Uit: Türkische Immigrantenorganisationen in der Bundesrepublik Deutschland, Ertekin Özcan, Hitit Verlag, 1989.

Top